Was Adriani werkelijk zo bot, of was hem de arrogantie van het tweetal in het verkeerde keelgat geschoten?
Ds. Carel Aeyelts, predikant van de Verenigde Christelijke Gemeente van 1799 tot 1825. Hij is geboren in 1761 te Ootmarsum als zoon van Carel Aeyelts en Hermanna van Tubbergen, gehuwd met Anna Brouwer. Hij is overleden te Dokkum op 11 december 1829, oud 68 jaar.
Zijn grafschrift luidde:
Hier sluimert een regtschapen tolk
Van 't heilig Bijbelwoord.
Zoolang het Nederlandsche volk
Naar zulke leraar hoort
Zal wijd en zijd rondom deez' zerk
(Een echte steen van Christus kerk!)
En Christendom en Vrijheid bloeijen
Geweld noch dwang 't geweten boeijen.
Holwert 23 Dec 1829 M. Martens
Pier Aleva, Nederlands Hervormd, werd geboren in 1857 te Joure als tweede zoon van Folkert Wiebes Aleva en Jeltje Piers Lusthof, een beroemde Jouster klokkenmakersfamilie. Hij trouwde op 7 augustus 1888 te Lochem met Jacoba Pietronella Voerman.
Hij groeide op in Joure, waar hij de Franse school bezocht en koos daarna voor een belastingopleiding, o.a. te Leeuwarden bij de toen bekende belastingdeskundige J.Troelstra, in welke tijd hij bevriend was met Piter Jelles Troelstra, de latere politicus; zij bezochten o.m. samen de Waalse kerk om hun kennis van het Frans te vergroten, een examenvak voor het surnumerair-examen.
Zijn loopbaan was daarna als volgt: op 21 december 1879 werd hij benoemd tot surnumerair te Leeuwarden, daarna was hij adjunct controleur te Rotterdam tot hij op 27 oktober 1886 als controleur Invoerrechten en Accijnzen te Dokkum werd aangesteld. Hij woonde aan de Diepswal, op de plaats waar nu nummer 17 staat.
Hij vertrok op 2 november 1887 in dezelfde functie naar Tolkamer-Lobith en vervolgens in 1893 naar Venlo. In 1898 volgde zijn benoeming tot inspecteur te Schiedam, vanwaar hij in 1907 op eigen verzoek werd overgeplaatst naar Leiden om zijn beide zoons daar te kunnen laten studeren. In 1917 ging hij naar 's-Gravenhage waar hij een jaar later hoofdinspecteur werd.
Bij zijn pensionering in 1922 werd hij benoemd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau. Hij maakte jaren deel uit van de examencommissie voor het surnumerairsexamen en was lid van 'de Witte of Literaire Sociëteit'. Hij is met zijn vrouw in Den Haag blijven wonen totdat het gedeelte van Den Haag waar zij woonden eind 1942 op last van de Duitse bezetter moest worden ontruimd. Zij vonden onderdak in Zeddam, maar zijn gezondheidstoestand liet toen al te wensen over. Hij is daar overleden op 25 februari 1943 en begraven te Arnhem op de begraafplaats Moscowa.
Mr. Tjeerd Alma, Nederlands Hervormd, geboren in 1872 te Berlikum als zoon van Hendrik Willem Alma en Alida Baudina van der Goot, gehuwd op 31 januari 1912 te Hilversum met Jacoba Leverland, van wie hij later gescheiden leefde.
Hij studeerde Rechten aan de Universiteit van Groningen, waar hij lid was van het Groninger Studenten Corps 'Vindicat atque Polit'. Na zijn studie oefende hij van 1906 tot 1909 te Groningen de praktijk uit als advocaat en procureur. Hij kwam op 27 april 1907 naar Dokkum, waar hij in januari 1909 tot griffier van het kantongerecht werd benoemd. Hij woonde eerst Diepswal B 64a, nu de bovenwoning van nummer 15, en later Breedstraat A 224a, nu de bovenwoning van nummer 16. Hij vertrok op 27 januari 1930 naar Sneek, waar hij in dezelfde functie werd benoemd.
Op 30 december 1939 nam hij afscheid van de griffie te Sneek, daar hij op 1 januari 1940 de pensioengerechtigde leeftijd bereikte. Hij vestigde zich hierna te Vierhouten in de gemeente Nunspeet, waar hij op 29 augustus van datzelfde jaar overleed. De crematie vond plaats op 2 september te Westerveld.
Hendrik Julianus Andreae, hervormd, geboren in 1785 te Augsbuurt (Lutjewoude) als zoon van Johannes Petrus Andreae, predikant, en Johanna Dibbets, gehuwd te Dokkum op 19 juli 1811 met Everharda Taekela de Haan, op 7 december 1820 met Elsabeth Aleida van der Weide, geboren te Kampen ca. 1784. Hij was apotheker (artsenijmenger) en is overleden 22 januari 1872 te Dokkum, oud 86 jaar, weduwnaar Hij woonde Aalzumspoort 143, nu Aalsumerpoort 9, Grote Breedstraat A 209, nu 36 en Legeweg C 133, nu Legeweg 31.
Ds. Johannes Gerrit Ferdinand Ankersmit, Nederlands Hervormd, werd in 1914 te Deventer geboren als zoon van Hubertus Antonie Ankersmit en Hendrika Egbertina Schaake. Hij was gehuwd met Foekje Bakker. Hij volgde hbs-b in zijn geboorteplaats, deed staatsexamen gymnasium en studeerde vervolgens aan de Rijksuniversiteit te Utrecht.
Op 7 mei 1944 werd hij te Oldeboom als predikant in het ambt bevestigd. Daarna diende hij de gemeenten te Oosternijkerk (1946), Lathum (1948), Kollumerzwaag (1952) en Aalsum (1958).
In september 1960 werd hij eervol ontheven en verbond hij zich als leraar godsdienst aan de christelijke hbs te Emmeloord. Daarna was hij nog predikant te Koudum (1964) en Overdinkel (1970). Op 1 augustus 1973 ging ds. Ankersmit met emeritaat.
In Kollumerzwaag was ds. Ankersmit mede een van de oprichters van de Stichting Dorpscentrum ”De Trije Doarpen”. Van 1953 tot eind 1957 was hij daarvan voorzitter. Hij verleende medewerking aan het Hervormd Weekblad (in de jaren zestig) en een prekenserie ”Stemmen uit Jeruzalem”
Hij overleed op 26 juli 1999 te Oldenzaal op de leeftijd van 84 jaar.
Jelle Arjaans, algemeen christen, geboren in 1953 te Rinsumageest als zoon van Arjaan Arjaans en Janke Braaksma, gehuwd op 18 maart 1977 te Drachten met Karin Feelders.
Hij volgde de Nieuwe Leraren Opleiding Ubbo Emmius te Leeuwarden en studeerde af als docent Aardrijkskunde en Engels in 1977 en werd in dat jaar leraar aan de chr. HNO "De Wiekslag" te Dokkum.
In 1987 studeerde hij af als historisch-geograaf aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. Hij is sinds 2001 directeur van het Dockingacollege te Ferwert, een nevenvestiging van het Dockingacollege te Dokkum.
Van 1994 tot 1998 raadslid voor D66 in de gemeente Dongeradeel en van 2001 tot 2003 lid van Provinciale Staten van Fryslân. Voorzitter van het bestuur van museum "Het Admiraliteitshuis" te Dokkum, bestuurslid van museum "t Fiskerhûske" te Moddergat, bestuurslid van de stichting "Historia Doccumensis". Informateur en formateur van het nieuwe college van B&W van de gemeente Dongeradeel in 2006.
Sinds 11 december 2006 lid van de "Nije Maaie" de commissie voor integrale gebiedsontwikkeling van de gemeente Dongeradeel.
Heeft speciale belangstelling voor atlassen (met name de Grote Bos) en terpen.
Jan van Assen, geboren in 1764 te Dockum als zoon van Harmanus van Assen en Trijntje van Sinderen. Hij trouwde op 22 juli 1792 te Tjummarum met Geertje Louws Fopma.
Hij woonde op de Streek onder Aalzum en was houtkoper en Assessor (wethouder) van de Grietenij Oost Dongeradeel. Hij is te Aalzum overleden op 5 augustus 1826, oud ruim 62 jaar, gehuwd.
Ds. Hendricus van Assendelft, remonstrants, geboren in 1875 te Rotterdam als zoon van Frederik van Assendelft en Johanna van Hattem. Hij trouwde op 7 maart 1901 te Rotterdam met Jacoba Hoos.
Hij kwam op 9 augustus 1902 van Boskoop als predikant bij de Verenigde Christelijke Gemeente en vestigde zich aan de Diepswal B 56, nu nummer 17. Hij vertrok op 2 augustus 1903 naar Gouda, waar hij op 6 augustus 1928 overleed.
Mr. Cornelis Hendrik Baale, Nederlands Hervomd, geboren in 1871 te Groningen als zoon van Leendert Marinus Baale en Maria Elisabeth Roelfsema, ongehuwd.
Hij komt op 12 april 1907 van Amsterdam als Griffier van het Kantongerecht en woont eerst in een hotel (De Posthoorn) aan de Diepswal 58 (nu nummer 21) en later Koornmarkt 168 (nu nummer 13). Hij vertrekt weer naar Amsterdam op 16 december 1908. Hij woont later in Lemsterland, in Tiel en weer in Amsterdam, waar hij op 5 maart 1944 overlijdt.
Klaas Dirk Baas, doopsgezind, geboren in 1864 te Koog aan de Zaan als zoon van Dirk Baas en Aafje Straatman. Hij trouwde op 12 maart 1895 in Den Helder met Neeltje Bruijn.
Hij kwam op 16 oktober 1894 van Koog aan de Zaan en vestigde zich als apotheker aan de Zijl D34 (thans De Zijl 1) te Dokkum.
Naast zijn werkzaamheden in de apotheek, die hij bijna een halve eeuw uitoefende, leiddde hij jongeren als zijn leerlingen op. Hij was jarenlang voorzitter van de afdeling Dockum van de Maatschappij tot Nut van 't Algemeen en was een enthousiast toneelspeler. Verder bevorderde hij de exploitatie van volkstuintjes en hij was mede-oprichter van het Groene Kruis in Dockum.
Hij overleed op 2 maart 1947 te Dokkum op 82-jarige leeftijd.
Hendrik Bakker, doopsgezind, geboren te Leeuwarden in 1875 als zoon van Hendrik Jans Bakker en Durkje Toens. Hij trouwde op 3 juli 1902 te Huizum met Antje Martens Bearda.
Hij kwam op 25 oktober 1904 van Assen naar Holwerd als surnumerair Registratie en verhuist op 7 augustus 1905 naar Aalsum als hij Ontvanger der Registratie in Dokkum wordt. Hij woont te Aalsum in huizing A 108 (BR 1900-1910). Hij vertrekt op 24 augustus 1911 naar Sneek.
Jacob Kornelis Beetstra, onkerkelijk, geboren in 1910 te Amsterdam als zoon van Tjalling Beetstra en Pietertje Hepkema, op 16 mei 1938 getrouwd met Zwaantje Cornelia Slofstra, geboren op 27 maart 1915 te Brummen. Hij is overleden op 20 december 1986 te Dokkum.
In 1936(?) te Utrecht afgestudeerd als tandarts. Praktijk te Dokkum vanaf 1937/38 tot 1971 aan de Vleesmarkt D23, thans nummer 15. Was zeer actief met de oprichting van het museum, samen met o.a. Doederus Kamminga (boekhandel en drukker) en kreeg daarvoor de museumpenning uitgereikt, een vrij zelden toegekende nationale onderscheiding.
Watse Tsjebbe Beetstra, onkerkelijk, geboren in 1942 te Dokkum als zoon van Jacob Cornelis Beetstra en Zwaantje Cornelia Slofstra. Hij trouwde op 12 september 1967 te Marum (Gr) met Froukje Dijk, geboren op 10 februari 1943, afgestudeerd als apotheker aan de R.U. Groningen in 1970. Watse is overleden te Dokkum op 17 augustus 2007 en gecremeerd te Opeinde op 22 augustus 2007.
In 1968 is hij afgestudeerd als tandarts aan de R.U. Groningen. Hij had een tandartspraktijk te Dokkum vanaf 1970 tot 2001, eerst aan de Markt te Dokkum naast het Weeshuis in een gebouw waar vroeger de belastingontvanger kantoor hield (tegenwoordig deel van restaurant "de Refter"), vanaf 1975 op de Schans nr 2. Vanaf 2001 was hij tandarts op de Vliegbasis Leeuwarden.
Ds. Johan Herman Willem Bisschop Boele, Nederland Hervormd, predikant Verenigde Christelijke Gemeente van 1895 tot 1899. Hij is geboren in 1864 te Breda als zoon van Andries Boele, officier van gezondheid, en Geertruid Henriette Riesz. Hij is getrouwd op : 22 januari te Ubbergen 1892 met Suzanna Margaretha Maria Balsem. Hij kwam op 16 mei 1895 van Twisk en vertrok op 6 maart 1899 naar Groningen. Hij woonde Nauwstraat 98 (nu nummer 7).
Mr. Nicolaas Bleeker, Nederlands Hervormd, geboren in 1860 te Dalen, Schoonebeek, als zoon van Klaas Jouco Bleeker en Jansje Holwerda. Hij trouwt op 19 juni 1901 te Groningen met Frouwiene Willemina Stuivinga.
Hij komt op 2 maart 1900 van Groningen als griffier bij het Kantongerecht en vertrekt op 17 juli 1901 naar Dantumadeel, maar komt terug op 14-7 1901 om op 10 juli 1907 naar Onderdendam te vertrekken.
In de eerste periode woont hij Legeweg 153 (waar nu 'De Harmonie' staat), in de tweede periode Hoogstraat 6 (nu nummer 26)
Jacob Blok, geen geloof, geboren in 1859 te 's-Gravendeel, ongehuwd
Hij komt op 31 mei 1897 van Oud-Beierland als Rijksontvanger en woont aan de Diepswal B59 (nu nummer 21). Hij vertrekt op 30 januari 1907 naar Kampen.
Jan Jacob Blom, Nederlands Hervormd, geboren in 1934 in Amsterdam als zoon van Mr. Albert Blom en Geertje van der Schuit, opgegroeid te Utrecht. Hij trouwde in 1960 in Utrecht met Gerda ter Rehorst. In 1961 deed hij zijn artsexamen, daarna ging hij in militaire dienst. Hij was huisarts te Dokkum van 1963 tot 1999, parttime universitair docent aan de Rijksuniversiteit Groningen van 1976 tot 1996. In 1999 werd hij Ridder in de Orde van Oranje Nassau.
Frederik Boekhoudt, Nederlands Hervormd, geboren in 1834 te Baarderadeel als zoon van Wouter Willem Boekhoudt en Johanna Scholtens, gehuwd te Dokkum op 27 januari 1859 met Ymkje de Vries, apotheker aan de Zijl no 34 (thans nummer 1). Hij vertrekt op 13 maart 1871 naar Groningen maar komt later terug naar Dokkum waar hij is overleden op 17 september 1891 te Dokkum, oud 57 jaar, gehuwd.
Dr. Albert Boerma, Remonstrants, geboren in 1873 te Groningen als zoon van Lubbert Boerma en Gepkelina Johanna Hahn. Hij trouwde op 20 augustus 1899 te Groningen met Marie Margaretha van der Woude. Hun echtscheiding werd uitgesproken op 10 augustus 1923 te Den Haag.
Hij kwam van Bellingwolde op 9 april 1902 en vestigde zich als huisarts aan de Grote Breedstraat nummer A34 (thans nummer 27). Hij vertrekt naar Groningen op 1 mei 1909.
Fokko Willem Jan Bosma, buitenkerkelijk, geboren in 1923 te Noordbroek (Gr) als zoon van dierenarts Jan Bosma en Trientje Annette Tiddens. Hij trouwde op 6 januari 1955 te Leeuwarden met Anke Ras. Hij was directeur van de NMB te Dokkum en woonde boven de bank aan de Vleesmarkt 7. In 1966 werd hij door de NMB benoemd tot directeur in Drachten, waardoor hij zijn lidmaatschap in 1967 moest beëindigen. Hij bleef ook na zijn pensionering in Drachten wonen, waar hij op 27 november 2004 overleed.
Sybe Bosma, belijdend Doopsgezind, geboren in 1918 te Bolsward als zoon van Hendrik Bosma en Dirkje Wieringsma. Hij trouwde op 3 april 1946 te Rauwerd met Antje Buiteveld.
Ten gevolge van de crisisjaren moest hij na twee jaar ULO gaan werken voor fl. 2,50 per week. Zo bracht hij vis rond vioor zijn vader, die een viszaak had op Snekerpoort in Bolsward. Naast zijn werk heeft hij de nodige cursussen gevolgd met goede resultaten. Vanaf zijn veertiende jaar is hij werkzaam geweest bij de Amsterdamsche Bank en de opvolgers daarvan. Begonnen als jongste bediende in Bolsward en gestopt op 59-jarige leeftijd als directeur van de locale bank in Dokkum. Hij was procuratiehouder in Assen van 1946 tot 1962 en directeur van de bank in Lemmer van 1962 tot 1969. Daarna kwam hij naar Dokkum.
Van jongsaf was hij een organisator en een sociaal betrokken mens. Hij is van veel verenigingen bestuurslid geweest, onde meer in Assen van de Fryske Krite, in Lemmer van de VVV, waar hij de jaarlijkse kermis organiseerde en van het Skûtsjesilen, in Dokkum van de Doopsgezinde Sociëteit, van de Doopsgezinde Kerk, van de Oude 8, van de Fryske Krite en van de gymnastiekvereniging. Hij was lid van de Vrijmetselaars.
In zijn jonge jaren was hij een fanatiek voetballer en kaatser. In Assen was hij lid van de kegelclub.
Hij had veel belangstelling voor muziek. Hij speelde piano en accordeon, organiseerde in zijn jonge jaren in Bolsward orkestjes. Hij ging in de vijftiger en zestiger jaren dikwijls naar Wenen voor bezoek aan operettes, waar hij een groot liefhebber van was. Hij bewonderde Wim Kan en Toon Hermans.
Hij woonde eerst in de Koningsstraat 23 in de bovenwoning van de toenmalige AMRO-bank en vanaf 1978 aan de Woudweg 101.
Bij Koninklijk besluit van 26 augustus 1978 nr. 167 werd hem in zijn hoedanigheid van directeur van het kantoor Dokkum van de Amsterdam-Rotterdam Bank N.V. de Eremedaille verbonden aan de Orde van Oranje-Nassau verleend. Hij overleed op 13 februari 1997 te Dokkum.
Ds. Jan Brink, Nederlands Hervormd, predikant Hervormde Gemeente te Dokkum van 1898 tot 1902. Hij is geboren in 1868 te Andijk. Hij is getrouwd met Antje van der Veen. Hij kwam op 2 februari 1898 van Dongjum en woonde Fetzestraat 51 (nu Op de Fetze 2)
Isaäc Theodorus Ter Bruggen Hugenholtz, geboren te IJsselstein in 1801, zoon van Fredericus Arnoldus Bernardus Hugenholtz en Maria Mertilda Cornelia ter Bruggen, Ned. Hervormd, liberaal, Thorbeckiaan, gehuwd te Dokkum op 4 september 1833 met Henrica Fockema. Hij is overleden te 's-Gravenhage, 25 januari 1871. Hem werd in 1823 vergund "Ter Bruggen" aan zijn achternaam toe te voegen. Zee-officier van 1826 tot 1846.
Hij woonde Kleine Breedstraat B 104 (waar nu het linkerdeel van het postkantoor staat), was zakenman te Dokkum vanaf 1846 in firma van zwagers, lid stedelijke raad van Dokkum vanaf oktober 1846, lid Provinciale Staten van Friesland voor de steden (Dokkum) van 1 juni 1847 tot februari 1849, lid Tweede Kamer der Staten-Generaal voor het kiesdistrict Dokkum van 13 februari 1849 tot 27 februari 1865, lid Raad van State van 1 februari 1865 tot 15 januari 1871. Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. Ridder vierde klasse der Militaire Willemsorde. Verwierf de Militaire Willems Orde tijdens de gevechten in Zeeland in 1830. Thorbecke wilde hem in 1849 tot minister van Marine benoemen, maar koning Willem III blokkeerde dit. Op zijn voorstel werd op 21 december 1861 als blijk van wantrouwen in het kabinetsbeleid de begroting 'Onvoorziene Uitgaven' met de helft verminderd. Dit voorstel werd met 51 tegen 20 stemmen aangenomen. Het kabinet diende hierna zijn ontslag in.
Hij was één der 'vroege' leden van de Fryske Krite.
Johannes Wichem (Hans) Buitenhuis, Nederlands Hervormd, geboren in 1920 te Coevorden als zoon van dierenarts Johannes Buitenhuis en Salomina Albertha Westhoff. Hij trouwde op 26 september 1952 met Emma Adelheid van der Giesen.
In de oorlog als student vijf jaar ondergedoken en na het beëindigen van zijn studie medicijnen werd hij als militair arts naar Indië gezonden. Zijn eerste betrekking vond hij door deze vertragingen pas in 1957 als vrouwenarts in het ziekenhuis "De Sionsberg" te Dokkum. Hij bleef hier drie jaar. Vermeldenswaard is, dat hij dierenarts Teun van der Laan, ook lid van ons gezelschap, bijstond bij de uitvoering van de eerste keizersnede bij een koe bij boer Tienstra uit Paezens. Hij was mede-oprichter van de Rotary in Dokkum.
In 1960 ging hij, weer als vrouwenarts, naar Drachten, waar hij tot zijn pensioen werkzaam was. In Drachten was hij onder meer bestuurslid van het Rode Kruis en één van de oprichters van hockeyclub "De Graspiepers".
Hij overleed op 13 augustus 1999 te Den Haag.
Leendert Hindrik Bult, remonstrants, geboren in 1896 te Rhenen als zoon van Ties Bult en Maria Helena Alblas. Hij is op 27 januari 1921 te Amsterdam getrouwd met Evertje Jacoba Adriana Wilhelmina van Ingen.
Hij begon zijn loopbaan als surnumerair bij de belastingen. Hij kwam op 23 februari 1926 van Nijmegen als inspecteur der belastingen en woonde Woudweg E 101, thans nummer 104. Hij vertrok op 30 augustus 1927 naar Den Haag. In die Haagse periode studeerde hij naast zijn werkzaamheden bij de Belastingdienst rechten te Leiden en rondde die studie met succes af. Hij ging daarna in 1935 naar Maastricht, in 1940 naar Groningen en in 1955 weer naar den Haag, waar hij hoofd van de Inspectie was. Na zijn pensionering heeft hij als docent aan de Belastingacademie te Rotterdam les gegeven.
Hij was Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. Hij overleed in Den Haag op 12 september 1984.
Sietse Jakob Buwalda, geen geloof, geboren in 1906 te Amsterdam als zoon van Jan Buwalda en Wilhelmina Horn. Hij is getrouwd op 14 september 1933 te Amsterdam met Dirkje Maria Regina Rigter.
Na zijn opleiding aan de Belastingacademie te Amsterdam, hij had eigenlijk medicijnen willen studeren, maar dat vond zijn vader niet goed, begon hij als adjunct bij de Belastingen in Amsterdam. Na enige tijd werd hij overgeplaatst als inspecteur naar Zwolle. Hij kwam op 20 augustus 1946 van Zwolle als hoofdinspecteur titulair van 's Rijksbelastingen naar Dokkum, waar hij hoofd van het belastingkantoor werd. Het was een aimabele man met veel belangstelling voor de sociale kant van het leidinggeven. Hij woonde in Dokkum aan wat toen Hantumerweg F 100 heette, nu Hantumerweg 19.
Het gezin vertrok op 9 april 1954 naar Doetinchem omdat de rheumatische klachten van zijn vrouw wonen op zandgrond aanbevelenswaardig maakten. Ook daar was hij hoofd van het belastingkantoor tot aan zijn pensionering.
In Doetinchem zat hij lang in het bestuur van de openbare muziekschool als penningmeester, was lid van de Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging KNNV en van de Partij van de Arbeid. Het echtpaar bleef in Doetinchem wonen, zolang zelfstandig wonen mogelijk was. Via Leusden kwamen zij in een verzorgingshuis in Hoorn terecht, waar hij op 20 april 1993 is overleden. Bij zijn crematie in Dieren waren vele oud-ambtenaren uit Dokkum en Doetinchem aanwezig. Dat feit en de veelvuldig, in allerlei variaties gehoorde uitspraak 'de beste baas, die ik ooit heb gehad' vormden een onderscheiding, die hij als bescheiden mens zeer zou hebben gewaardeerd.
Harm Albert (Ab) Cadée, remonstrants, geboren in 1901 te Onstwedde als zoon van Gerhard Cadée en Abelia Reichelina ten Berge. Hij is op 20 augustus 1925 te Amersfoort getrouwd met Jannetje Hendrika Hiensch.
Hij was in Dokkum ontvanger der Registratie en vertrok in 1934 naar Venlo. Daarna ging hij in 1936 naar Tiel, in 1937 naar Assen, in 1941 naar Zwolle, in 1948 naar Haren, in 1958 naar Zeist en in 1974 naar Doorn. Hij overleed op 25 mei 1977 te Zeist.
Martinus (Dick) Camstra, niet gelovig, geboren in 1917 te Deventer als zoon van Hendrik Camstra en Johanna Geertrui Pot. Hij trouwde op 2 april 1948 in Singapore met Else Dekker. Hij was Districtshoofd bij Provinciale Waterstaat Friesland. Hij is overleden op 12 juli 1997 te Dokkum.
Hij schreef jarenlang columns in de Deventer Courant en het Zutphens Dagblad onder de 'nom-de-plume' Mac Arts. Hij tekende, schilderde, dichtte. Zo won hij in 1946 met het gedicht 'De Oldelamerbrug' de eerste prijs in de wedstrijd 'Gedichten van Ingenieurs', uitgeschreven door de Remonstrantse Gemeente Delft in het kader van hun Bezinningsboek 'Maatschappelijke aanvaarding van invoering van duurzame technologie: Techniek beheersen of erdoor beheerst worden'. Overigens is de Oldelamerbrug naar zijn ontwerp gebouwd.
Als enthousiast zeiler was hij redactiemedewerker van de 'Waterkampioen' met verhalen en tekeningen. Hij verzorgde de typografie en illustraties van het 'Smoelenboek' van de Rotary-club Dokkum.
Albertus Samuel Carpentier Alting, geboren in 1837 te Purmerland, predikant, gehuwd met Elsje Zaalberg. werd in 1862 predikant te Colmschate, in 1865 te Dokkum, in 1882 te Hoorn, daarna in Nederlands Indië. Hij verrichtte daar arbeid op maçonniek gebied en was een tijdlang gedeputeerd grootmeester van de Orde van Vrijmetselaren. Ook behoorde hij tot de oprichters van de Nederlandse Protestantenbond. Hij overleed in 1915 te ‘s-Gravenhage. Hij schreef: De beteekenis der Nieuwere Bijbelbeschouwing in voorbeelden aangewezen, Deventer 1867; Een apostel der humaniteit, (Lessing), Huisbibliotheek, 1867; Het huwelijk (volksvoordracht), Amsterdam. 1870; Geschiedenis van den Duivel, vrij bewerkt naar G. Roskoff, Groningen 1873; de godsdienst der toekomst, Leiden 1886. Verder gaf hij eenige theologische brochures, vertalingen, opstellen en verhandelingen uit, en was hoofdredacteur van Oostergoo, Algemeen Nieuwsblad, waarin de hoofdartikels over staat- en letterkunde meest allen van zijne hand zijn. Van 1867 tot '82 was hij hoofdredacteur van het te Dokkum verschijnende tijdschrift: de Nieuwe Richting in het leven. Bovendien schreef hij in het Godsdienstig Album het Morgenlicht, de Jaarboeken der Maatschappij van Weldadigheid, het Jaarboek van den Nederlandse Vredebond, enz. In Dokkum woonde hij Op de Fetze, in het huis, wat nu nummer 2 draagt.
Jacob Hendrik Cateau van Rosenfelt, geboren in 1828 te Hattem, gehuwd met Antje Elisabeth Sijbes. Hij kwam op 29 oktober 1867 van Zevenbergen als controleur bij de directe belastingen.
Johannes Cock, geboren te Coevorden ca. 1782 als zoon van Hendrik Cock en Willemina Luiken, gehuwd met Reinou Wybrandi, geboren te Berlicum ca. 1779, apotheker (artsenijmenger) en lid van de Gemeenteraad van Dokkum, overleden 29 december 1836 te Dokkum, oud 54 jaar, gehuwd. In 1832 was hij eigenaar en bewoner van het pand Vleesmarkt D 30 (nu De Zijl 5).
Pieter Jouke Conradi, doopsgezind, geboren in 1898 te Dantumawoude als zoon van Egbert Johannes Conradi en Jikke Ubeline Sijke Willemina Veenland. Hij trouwde op 28 juli 1923 met Everdine (Eefje) Dekker.
Hij was in Dokkum werkzaam als hoofdambtenaar bij Provinciale Waterstaat van 1 januari 1932 tot 1 april 1963 als hoofd van het 1e Waterstaatsdistrict. In Dokkum heeft hij geijverd voor de totstandkoming van het algemeen rusthuis 'Dockaheem' en voor de bouw van een nieuw zwembad. Hij woonde aan de Koornmarkt A206, nu Koornmarkt 10.
Hij was Ridder in de Orde van Oranje Nassau. Na zijn pensionering verhuisde hij naar Gieten. Zij laatste jaren sleet hij in Haren, waar hij is overleden op 24 juli 1983.
Jan Willem de Crane, geboren in 1758 te Hoorn, studeerde in de theologie te Leiden, later te Groningen en was eerst huisonderwijzer, werd in 1779 praeceptor te Alkmaar. Op 14 september 1780 werd hij beroepen tot Rector en Gymnasiarcha der scholen van Dockum, hij is gehuwd te Roordahuizum op 2 juni 1782 met Trijntje Groenewoud. Hij vertrok uit Dokkum in juli 1787 naar Enkhuizen, waar hij op 24 april van dat jaar beroepen was tot Rector der Latijnse scholen, in 't zelfde jaar werd hij hoogleraar te Franeker. In 1811 ambteloos geworden, promoveerde hij in de rechten en werd plaatsvervangend vrederechter te Franeker, in 1815 weer hoogleraar aan het Athenaeum; in 1828 gepensioneerd, bleef hij aldaar tot zijn dood, 31 Maart 1842, wonen
Peter Danz, humanist, geboren in 1933 te Arnhem als zoon van Heinrich Peter Danz en Willemine van Staveren, gehuwd op 18 juli 1957 te Rotterdam met Maria Everdina (Riet) van den Berg.
Hij studeerde in 1961 af als werktuigbouwkundig ingenieur te Delft, waar hij aansluitend vier jaar werkzaam was als wetenschappelijk medewerker. Daarna was hij vier jaar achtereenvolgens ontwikkelingsingenieur, chef tekenkamer en technisch adjunct-directeur bij een fijnmechanische industie in Brummen. Vervolgens werd hij directeur van kunststofverwerkende bedrijven in Nijmegen (1968-1974) en Groningen (1974-1986). Vice-voorzitter van de Nederlandse Federatie voor Kunststoffen van 1970 tot 1986. In Dokkum directeur van het Steunpunt Bedrijfsleven Noordoost-Friesland van 1988-1995.
Gemeenteraadslid te Haren voor D66 van 1978-1986. Fractiemedewerker van de Statenfractie van D66 in Friesland van 1995 tot 2004.
Dienstplichtig met eindrang Reserve-majoor der Huzaren tot 1988. Hij ontving het Onderscheidingsteken voor langdurige Dienst als Officier met het cijfer XXX.
Adrianus Johannes (Addy) van Dijck, geboren in 1926 te Rotterdam als zoon van Willem Frederik van Dijck en Johanna Geertruida Maria Wesseling. Hij is op 11 juni 1955 te Kuopio in Finland getrouwd met Aino Kaarina Koivu.
Hij bracht zijn jeugd door in Rotterdam, waar hij als 15-jarige jongen het bombardement meemaakte. De oorlogsjaren hebben hun sporen nagelaten. Na zijn middelbare schooltijd is hij in Leiden medicijnen gaan studeren. In de laatste oorlogsjaren was dat veel improviseren met soms privécolleges bij professoren thuis. Op 24 februari 1953 is hij afgestudeerd als arts.
Na zijn afstuderen heeft hij zijn militaire dienstplicht vervuld als officier-arts bij de Landmacht. Hij heeft zich gespecialiseerd als gynaecoloog en in 1958 heeft hij zich als vrouwenarts in Dokkum gevestigd. Hij vertrok in 1970 naar Meppel, waar hij in het Diakonessenhuis werkzaam was.
Zowel in Dokkum als in Meppel was hij actief in de Rotary, in Meppel was hij daarvan voorzitter. Hij overleed in Meppel op 6 mei 1978.
Remco van Dijk, geboren in 1967 te Dokkum, als zoon van Jan Adriaan van Dijk en Aline Irone Werff. Hij is in 1995 getrouwd met Margaretha Boomsma en zij hebben drie kinderen gekregen Sil, Jente en Jilke.
Na zijn schoolperiode is hij in Den Haag gaan wonen en heeft hij een opleiding gevolgd bij ABN Amro. In 1994 is hij teruggekeerd naar Dokkum en heeft hij een baan aangevraagd bij Makelaardij Roos, hij heeft een opleiding gevolgd aan de Hanze Hogeschool te Groningen en is in 1999 beëdigd als makelaar. In 2003 heeft hij het kantoor overgenomen. Bijzondere interesse in kunstgeschiedenis.
Jacobus Adriaan Dorrenboom, Nederlands Hervormd, geboren te Sprang in 1844 als zoon van Jacobus Dorrenboom en Johanna Jacoba Schaap. Hij trouwde op 19 juni 1873 te Sluis met Johanna Martha Hennequin. Zij overlijdt te Amsterdam op 18 maart 1895, hij hertrouwt in Rotterdam op 12 mei 1903 met Sophia Barra Stapert.
Hij kwam op negentienjarige leeftijd bij de dienst van de Rijkstelegraaf, en werd op 1 oktober 1869 directeur van het telegraafkantoor te Sluis, waarmee het postkantoor in 1879 vereenigd werd. In 1877 werd hij adjunct-archivaris, in 1880 archivaris aldaar. Op 6 april 1887 ontving hij het diploma en benoeming tot lid van het Koninklijk Zeeuwsch Genootschap der Wetenschappen te Middelburg.
Hij schreef wetenswaardige bijdragen in De Navorscher, het Algemeen Nederlands Familieblad, De Nederlandse Leeuw, De Nomina Geographica Neerlandica, enz. Afzonderlijk is uitgegeven de Catalogus van de door hem opgerichte Oudheidskamer te Sluis (Middelburg 1887).
Hij kwam op 10 juni 1892 van Sluis naar Dokkum als directeur van het postkantoor en woonde Kleine Breedstraat B111 (toen het huis naast het postkantoor, nu ter plaatse van het linkerdeel van dat kantoor). Hij vertrok van hier naar Harlingen op 19 december 1899. Na Harlingen is hij nog postdirecteur geweest in Kampen. Hij is overleden op 2 maart 1919 in Teteringen bij Breda.
Nico Douma, ongelovig, geboren in 1953 te Dokkum als zoon van Douwe Popke Douma en Lopje Korsse, gehuwd met Sylvia Koeleman.
Hij is directeur van Drukkerij Douma Dokkum, bij Koninklijke Beschikking Hofleverancier. Hij is voorzitter van het Fries Grafisch Museum te Joure, bestuurslid van de Stichting Boek/Werk/Onderzoek te Oosterlittens, lid ledenraad en ambassadeur van de Koninklijke KVGO te Amstelveen en voorzitter van de Bedrijvenvereniging Betterwird Dokkum BBD. Bovendien is hij directeur van Printass bv gevestigd te Grubbenvorst, bestuurslid van de Stichting Grafisch Perspectief Noord Nederland te Sneek en bestuurslid van de Stichting Skûtsjesilen Noordoost Fryslân SNOF te Dokkum. Hij heeft bijzondere interesse voor 19e-eeuwse illustratietechnieken.
Ecco Epkema, geboren in 1759 te Wirdum als zoon van Nicolaas Epkema, onderwijzer der jeugd en dorpsrechter. Hij was rector van de Latijnse School te Dokkum, benoemd op 9 juni 1788. Hij was voordien tweede praeceptor der Latijnse School te Leeuwarden en verdienstelijk letterkundige. Hij stond bekend als een man van meer dan gewone bekwaamheden, hij gaf onder meer een uit het Duits bewerkte goniometrische logarithmentafel uit in 1765. Al in het jaar 1789 werd hij benoemd tot rector in Enkhuizen.. De senaar der Leidse Hogeschool verleende hem in 1823 honoris causa de titel Phil. theor. mag. litt. hum. dr.
Hij wordt genoemd een even bescheiden als degelijk geleerde en Latijnse dichter. Hij bezorgde een derde druk van Gysbert Japicx "Friesche Rijmlerije" (1821), welke, hoe "slecht" gedrukt en onnauwkeurig bewerkt, een eerste en welgeslaagde poging (was) om den lust voor de lang verwaarloosde beoefening van de Friesche taal weder op te wekken".
Drie jaren later volgde zijn "Woordeboek op de Gedichten en verdere geschriften van Gysbert Japicx", terwijl "Thet Freske Rijm" met aanteekeningen, na zijn dood in 1835 door het Friesch Genootschap werd uitgegeven. Verder bestaan van zijn hand (voor een deel zonder naam) verscheidene Latijnse lees- en leerboeken.
Thijs Feenstra, remonstrants, geboren in 1766 te Franeker als zoon van Wepke Thijssen Feenstra, koopman en doopsgezind leraar, en Trijntje Pieters Rickerts. Hij trouwde op 21 mei 1786 voor het Gerecht van Dokkum met Rinske Allards Scheltinga, geboren te Dokkum in 1764.
Hij vestigde zich in 1783 te Dokkum als kuiper, koopman en touwslager, was lid van de municipaliteit van Dokkum van 1795 tot 1798, lid van het (derde) Intermediair Administratief Bestuur van Friesland van 21 juni 1798 tot 30 maart 1799, lid van het Departementaal bestuur. Hij richtte in 1800 met de heren Cats en van der Veen een administratiekantoor van het grootboek der nationale schuld op wat hij tot zijn dood bekwaam bestuurde.
Hij was lid van de Raad van Leeuwarden van 1811 tot 1820 en in 1821 Burgemeester van Leeuwarden tot kort voor zijn overlijden op 23 november 1840 te Leeuwarden. Hij was eigenaar van de Schierstins te Veenwouden, waar zijn vrouw Rinske op 22 februari 1829 overleed. Hij was Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw en woonde in Leeuwarden in het Sminiahuis aan de Tweebaksmarkt 36. Hij gold in die tijd als één van de rijkste burgers van Leeuwarden.
Gerrit Jan de Feyfer, hervormd, zoon van Hendrik de Feyfer en Geertruida Beerendina Stennekes, geboren in 1799 te IJsselmuiden, overleden te Breukelen op 1 juli 1867. Hij trouwde te Harlingen op 21 augustus 1826 met Maaike Suiderbaan, geboren te Dokkum omstreeks 1798, overleden 7 januari 1870.
Hij was 1e luitenant bij het korps dienstdoende schutterij te Dokkum, in 1840 Lid van den Stedelijken Raad, burgemeester van Dokkum van 1848 tot 1852.
Hij woonde in de Keppelstraat, in het huis wat nu nummer 15 draagt. Hij vertrok uit Dokkum op 8 mei 1858 naar Utrecht.
Rudolf (Ruud) Fokkens, humanist, geboren in 1946 te Amboïna, Nederlandsch-Indië (Indonesia sedert 1949) als zoon van Jacob Fokkens en Nel Sumi. Hij trouwde op 20 juni 1972 te Hengelo (O) met Arendina Johanna Vruggink.
Zijn beroep is organisatie-adviseur/interim-manager, hij was lid van Provinciale Staten van Fryslân van 13 april 1999 tot 15 maart 2007, in die periode was hij lid AB SNN (Samenwerkingsverband Noord Nederland van de provincies Fryslân, Groningen en Drenthe) en namens de provincie Fryslân lid van het NHI Parlementarier Forum (NHI=Nieuwe Hanze Interregio).
Hij is naar Assen vertrokken op 1 oktober 2007.
Henri Geursen, Nederlands Hervormd, geboren in 1946 te Haarlem als zoon van Willem Hendrik Geursen en Henriette Gerarda Blaauw. Hij is getrouwd op 20 oktober 1972 te Woerden met Johanna Elisabeth Smits, lerares wiskunde.
Zijn opleiding is Gymnasium α, daarna instituut Nijenrode. Hij was directeur, deels aandeelhouder, van de Noord Nederlandse Draadindustrie B.V. te Dokkum. Daarnaast was hij onder meer Member of Dutch Trade Board, een adviesorgaan voor internationale handel van het Ministerie van Economische Zaken, zakelijk missieleider China EVD reizen, voorzitter Theatervrienden IJsherberg te Dokkum (480 leden), lid en voorzitter Lionsclub, voorzitter Bedrijvenvereniging Betterwird te Dokkum.
Bij zijn afscheid als directeur van de Noord Nederlandse Draadindustrie op 29 juni 2007 is hij benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau. Hij woont sinds 1980 in Dokkum.
Johan Menno Goslings, geboren in 1844 te Harlingen als zoon van Michiel Jans Goslings, notaris te Harlingen, en Anna Petrus Greydanus. Hij trouwde op 11 juli 1872 te Harlingen met Doetje Houtsma.
Hij was notaris te Dokkum van 1880 tot 1886, zijn woon/notarishuis was op De Dijk 10 (thans de Rabo-bank). Van 1886 tot 1911 was hij notaris te Sneek en hij vertrok daarna naar Den Haag waar hij op 5 juni 1914 is overleden.
Zijn grootvader was Jan Goslings (1764-1842), zilversmid in Dokkum, en zijn oudoom Oege Goslings (1754-1828), distillateur, adjunct-maire en later president-burgemeester van Dokkum.
Ds. Huibert Joan George Greebe, Evangelisch, geboren in 1835 te Schoonrewoerd als zoon van Jan Pieter Greebe en Elisabeth Catherina van der Miede Bakker. Hij is getrouwd te Utrecht op 15 september 1859 met Anna Catharina Martens.
Hij kwam in 1862 van Oosterwierum naar Dokkum als predikant van de Hervormde gemeente en vertrok op 4 december 1868 naar Grouw. Hij woonde Fetzestraat A 48 (thans Op de Fetze 2)
Hij is overleden te Grouw op 20 december 1909.
Ds. Hermann IJsbrandi Groenewegen, predikant Verenigde Christelijke Gemeente van 1887 tot 1891, geboren in 1862 te Amsterdam als zoon van Jan Hendrik Groenewegen en Johanna Margaretha Rogge. Hij trouwt op 25 augustus 1887 te Amersfoort met Henriëtte Antonia Kollewijn. Hij woonde aan de Legeweg in het huis, dat nu nummer 32 draagt.
Dr. Pieter Engelbertus (Piet) Gunster, Nederlands Hervormd, geboren in 1914 te Scheemda als zoon van Jan Wilko Gunster en Zwaantina Engelina van der Broek. Hij is getrouwd op 18 oktober 1945 te Dokkum met Martje van der Laan. Na hun scheiding in 1966 trouwde hij op 18 augustus 1967 te Hellendoorn mat Jantje Hut.
Hij promoveerde in 1943 aan de Rijksuniversiteit Groningen op het proefschrift: 'Overzicht van en bijdrage tot de kennis van medicinale curcuma (temoe lawak)'.
Hij vestigde zich in augustus 1944 als apotheker te Dokkum aan De Zijl 1, het pand waarin nu 'It Blokhûs'gevestigd is. In de oorlog was hij zeer actief in het verzet. In de kelder van zijn apotheek was het districtshoofdkantoor van de Nederlandse Binnenlandse Strijdkrachten gevestigd. Hier werden geregeld vergaderingen gehouden. Op 13 januari 1945 ontdekte de bezetter wapens op een boerderij in de buurt van het afwerpterrein onder Aalsum bij Dokkum. In de omgeving volgde een reeks arrestaties. Op 19 januari zouden drie arrestanten worden overgebracht naar Leeuwarden. Eén van hen was Gunster. Om hem te bevrijden hebben verzetsstrijders de arrestantenwagen bij het dorp De Valom gedwongen te stoppen. Een lid van het Sonderkommando Albrecht uit Leeuwarden werd bij deze overval gedood, evenals de Belgische chauffeur. De Duitse SD-commandant Arthur Wilhelm Grundmann wist te ontkomen. De gearresteerde Gunster, die een schotwond in zijn knie had, kon worden bevrijd. De wraak van Kommando Albrecht was meedogenloos. Aan de Woudweg werden twintig gevangenen, zonder enige vorm van proces, neergeschoten. Deze massaexecutie was de grootste die in de provincie Friesland heeft plaatsgevonden. Deze gebeurtenis heeft zijn verdere leven overschaduwd.
Bij Koninklijk Besluit van 11 december 1948 in Gunster bevorderd tot reserve-militair-apotheker 1e klasse met de rang van kapitein. Hij was voorts bestuurslid van het zwembad te Dokkum.
Hij overleed op 21 januari 1969 tijdens een verblijf in zijn bungalow op Texel en werd op 24 januari in zijn geboorteplaats Scheemda begraven.
Ds. Dr. Albertus Jacobus Hamerster, hervormd predikant, geboren in 1815 te Leeuwarden als zoon van Dominicus Aggaeus Hamerster en Ytje Rosema, gehuwd op 1 augustus 1838 te Groningen met Annette Geertruida Kütsch.
Hij was predikant te Marssum (1838), Wolvega (1843), Noordbroek (1844) en Dokkum van 1854 tot zijn overlijden aldaar op 25 januari 1864 op de leeftijd van 48 jaar. Hij woonde in de pastorie aan de Hoogstraat A5 (thans nummer 26)
Ds. Paul Willem Bernhard Haseloop, Vrijzinnig Hervormd, geboren in 1904 als zoon van Paulus Jacobus Haseloop en Hendrika Menkhorst. Hij trouwde in 1930 te Groningen met Harmanna Maria Schortinghuis
Hij was predikant bij de Hervormde Gemeente te Dokkum van 1951 tot 1957 en vertrok naar Tolbert op 1 september 1957. Hij is daar overleden in april 1966. Hij was hoofdbestuurslid van Volksonderwijs.
Rinke Haselhoff, Nederlands Hervormd, geboren te Dokkum in 1860 als zoon van Derk Haselhoff en Lucia Lam, Hij trouwt op 1 juli 1886 te Dokkum met Johanna Wijnmalen.
Hij ging medicijnen studeren in Groningen in 1879. In 1986 vestigde hij zich als arts in Murmerwoude, in 1888 ging hij naar Dantumawoude. Hij vestigt zich op 8 augustus 1890 als arts in Dokkum, komende van Damwoude. Hij woonde eerst Driepijpsterbrug nummer D7, op welke plaats nu Vleesmarkt 45 is. Later verhuist hij naar De Dijk D54 (nu De Dijk 10, de RaboBank). Op 14 april 1918 vertrekt hij uit Dokkum naar Wassenaar, waar hij onder meer controlerend geneesheer was voor de Nederlandse Spoorwegen en voor de PTT tot zijn pensioen op 1 april 1925.
Hij overlijdt te Wassenaar op 27 februari 1937 op 77-jarige leeftijd, waarna op 3 maart een 'verassching in Velsen' volgt met veel aanwezige prominenten.
Gerrit (Ger) Heeringa, Nederlands Hervormd, werd geboren in 1948 te Veendam als zoon van Roelof Jacob Heeringa en Alida Begeman. Hij trouwde op 27 april 1973 te Nieuwe Pekela mat Harma Wiegman.
Na voltooiing van zijn doctoraal Nederlands Recht in april 1974 en omzwervingen langs verschillende gemeenten in het midden en westen van Nederland begon hij op 1 april 1996 als algemeen directeur/gemeentesecretaris van de Gemeente Dongeradeel. Nog in hetzelfde jaar vestigde hij zich metterwoon in Dokkum.
Op 1 januari 2008 verlaat hij na 11 jaar de gemeente Dongeradeel. Hij gaat dan als gemeentesecretaris bij de gemeente Boarnsterhim werken.
Hij is penningmeester van het bestuur van de Vereniging van Friese Gemeenten en voorzitter van het district Noord van de KNWU. Naast zijn werkzaamheden sport hij graag. Tot zijn favoriete sporten behoren het wielrennen en het hardlopen.
Jan Helder, geboren in 1842 te Aalzum als zoon van Pieter Helder en Grietje Johannes van der Meulen,overleden 28 januari 1906 te Dokkum, oud 63 jaar.
Hij trouwde op 5 november 1868 te Dokkum met Johanna van der Weide, geboren te Dokkum op 9 maart 1844 als dochter van ons lid Dr. Lambert Willem van der Weide en Ottoline Bernardine Escher, overleden te Dokkum op 5 mei 1928
Hij was steen- en zuivelfabrikant te Aalzum, tevens houthandelaar, majoor-commandant van het Tweede Bataljon der rustende schutterijen.
Pieter Helder, geboren in 1811 te Aalzum, zoon van Harmanus Helder en Grietje Harmens Binnema, overleden 18 juli 1883 te Aalzum, Oostdongeradeel, oud 72 jaar, gehuwd
Hij trouwde op 18 september 1834 te Drachten met Grietje Johannes van der Meulen, geboren te Drachten op 24 januari 1814, overleden op 20 april 1900 te Aalzum, Oostdongeradeel.
Hij was houthandelaar te Aalzum, lid van de Grietenijraad van Oostdongeradeel, assessor (wethouder) van die Raad, wethouder van de gemeente Oostdongeradeel, lid van Provinciale Staten van Friesland, medevoorzitter van de Kamer van Koophandel te Dokkum en omliggende gemeenten, president van het bestuur van de Spaarbank te Dokkum.
De familie Helder kwam in 1866 in het bezit van een houtzaagmolen bij Aalzum, de 'Eben Haëzer', waarvan in 1757 voor het eerst melding wordt gemaakt. De molen werd in 1927 afgebroken.
Hij was één van de vroege leden van de 'Fryske Krite' en droeg de Friese zaak kennelijk een goed hart toe.
Ds. Dr. Hendrik Doeke Hellema, Nederlands Hervormd, geboren in 1868 te Eext (Anloo) als zoon van de predikant Wieger Hellema en Martha Beekhuis Damsté. Hij was gehuwd met Alida Magnin.
Hij was predikant van de Hervormde Gemeente, hij werd candidaat in Zeeland in 1892, waar hij op 22 oktober 1893 de bediening te Simonshaven aanvaardde. Van daar kwam hij op 12 april 1897 naar Dokkum. Hij woonde in de Hoogstraat in de pastorie, die toen nummer A6 droeg, nu nummer 26.
Op 25 januari 1902 zette hij zijn arbeid voort in Oude Pekela, waar hij tot zijn eervol emeritaat in 1935 predikant was. In october van dat jaar vestigde hij zich metterwoon in Bilthoven, waar hij op 3 november 1941 is overleden.
Ds. Jacobus Herderscheê, Nederlands Hervormd, werd in 1788 geboren te Amsterdam als zoon van Hendrik Herderscheê en Marrigje van Gessel. Hij trouwt op 29 maart 1820 te Amsterdam met Geertruy Maria Hooijkaas.
Hij was Hervormd predikant te Ravenswaay, te Krimpen aan de Lek, te Dokkum (van 8 Juli 1821 tot 8 April 1827) en te Hoorn.
Jacobus was tijdens zijn eerste benoeming, in Ravenswaay nog vrijgezel. Hij woonde toen in de pastorie die daar nog steeds staat. Van dit huis maakte hij in de vrije uren een model-op-schaal, dat in de latere generaties bekend stond als het poppenhuis maar dat te mooi en kwetsbaar was om mee te spelen. Het is eind vorige eeuw aan het streekmuseum De Groote Societeit in Tiel gegeven waar het tentoongesteld wordt en als één van de pronkstukken wordt beschouwd.
Hij was ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. Hij overleed op 31 oktober 1844 te Hoorn.
Reinder Hof, Nederlands Hervormd, geboren in 1943 te Veenhuizen (Dr) als zoon van Wijtze Hof en Anna van Goïnga. Na zijn militaire dienstplicht vervuld te hebben, trouwde hij op 11 november 1966 te Arnhem met Ans Klomp. Hij volgde verpleegkundige opleidingen en vervolgstudies en was werkzaam bij de Nationale Ziekenhuisraad te Utrecht. Hierna werd hij verpleegkundig directeur van het locale ziekenhuis/verpleeghuis 'De Sionsberg' te Dokkum. Daarna directeur van Talma Verpleeghuis te Veenwouden.
Hij bekleedt nevenfuncties in (opleidingen in) de gezondheidszorg, kerk, maatschappelijke organisaties en in de motorwereld.
Petrus Hofman Peerlkamp, geboren in 1786 te Groningen. Hij overleed op 29 maart 1865 in Hilversum.
Hij studeerde in zijn geboortestad en promoveerde in de letteren. Achtereenvolgens was hij in 1803 praeceptor te Haarlem, in 1804 rector te Dokkum, in 1816 rector te Haarlem, en in 1822 gewoon hoogleeraar in de letterkunde en geschiedenis te Leiden, welke betrekking hij in 1849 neerlegde, waarna hij in Hilversum ging wonen.
Behalve een groot aantal Latijnsche geschriften in proza en poëzie, en kritische uitgaven van klassieke schrijvers schreef hij: Opmerkingen betreffende de Staten-Overzetting van de Evangeliën en Handelingen der Apostelen (anoniem); Hulde aan de nagedachtenis van A. Loosjes Pz., toegebragt door het Departement van Letterkunde van het genootschap: Oefening in Wetenschappen te Haarlem 14 maart 1818, Haarlem 1818; Voorrede voor H.G. Oosterdijks Lierzangen van Horatius in Ned. verzen, Haarlem 1819; Levensbericht van J. Venhuizen Peerlkamp, zijn broeder, in de Hand. Mij. Ned. Lett., 1865. Voor het Hist. Gen. te Utrecht gaf hij met A. Perk, z.a., uit: Lamb. Hortensius, Over de opkomst en den ondergang van Oud-Naarden, Utrecht 1866. Ook voor de Nederlandsche letterk. gesch. is hoogst belangrijk zijn: Liber de Vita doctrina et facultate Nederlandorum qui carmina Latina composuerunt, vooral de 2e uitgave, Haarlem 1838; niet minder zijne uitgave van Huygens' De Vita propria sermonum, aldaar 1817, vooral vóór de vertaling van Loosjes, 1821 of de eerste uitgave van het Cluys-werck, 's-Gravenhage 1841.
Hij was een der meest bekende figuren in de geschiedenis van de klassieke philologen hier te lande, beroemd latinist van grote belezenheid en allerwege bekend door zijn critische methode, die reeds bij zijn leven deels verguisd, deels zo bewonderd is, dat zij zelfs in andere landen, als Duitsland en Zweden, navolgers heeft gevonden.
Eveneens dient Peerlkamp vermeld te worden als Latijns dichter. Onder meer leverde hij een heerlijke vertaling van de "Ode aan den Rijn" van E.A. Borger, dien hij in 1822 te Leiden als hoogleraar in de oude letterkunde en algemene geschiedenis is opgevolgd.
Ds. Pieter (Piet) de Hoop, Nederlands Hervormd, geboren in 1916 te Polsbroek als zoon van Bastiaan de Hoop en Wilhelmina Gijsberdina van der Vlist. Hij trouwde op 19 juni 1940 te Polsbroek met Cornelia van der Vlist.
Hij begon kort na zijn huwelijk als hulppredikant in Franeker, waarna hij in 1944 als predikant naar Ferwerd ging. Daar bleef hij tot 1947, toen hij beroepen werd te Gramsbergen. Hier was hij als predikant werkzaam tot 1963. In die periode was hij ook voorzitter van de Provinciale Kerkvisitatie en hij richtte er de afdeling van de Padvinderij op, waarvan hij vele kampen in Ommen leidde. Ook nam hij in die tijd de initiatieven om tot vakantiekampen voor de jeugd te komen onder het motto: "Vakantievreugd voor de Gramsberger jeugd". Aan deze kampen, waaraan hij tien jaar leiding gaf, namen per keer ca. 100 kinderen deel. Hij was meer maatschappelijk werker dan predikant.
Hierna kwam hij naar Dokkum, waar hij van 1964 tot 1976 predikant van de Hervormde Gemeente was. Na Dokkum ging hij naar Nijbroek, waar hij op 27 oktober 1980 overleed.
Ds. Arnold Lucas van Hoorn, predikant bij de Hervormde Gemeente te Dokkum van 1881 tot 1885, geboren in 1844, gehuwd met Harmanna Wilhelmina Frederica Swaagman
Henricus Houwink, Nederlands Hervormd, geboren in 1857 te Meppel als zoon (achtste en jongste kind) van Roelof Houwink, grossier in koloniale waren en jeneverstoker en Lamberdina Clinge. Hij was gehuwd te 's-Hertogenbosch op 25 mei 1883 met Catharina van der Vliet.
Hij verbleef als surnumerair bij de Posterijen in 1877-1878 te Rotterdam en Amsterdam daarna als postdirecteur in Amsterdam, Oisterwijk en Rhenen. Hij kwam als postdirecteur van Rheden naar Dokkum op 25 april 1903 en vertrok op 15 oktober 1907 naar Tiel. Hij woonde Kleine Breedstraat B111, toen de directeurswoning naast het postkantoor, nu staat daar het linkergedeelte van het huidige postkantoor. Henricus was tot 21 augustus 1916 postdirecteur in Tiel. Van 21 augustus 1916 tot 1 november 1921 was hij postdirecteur in Gouda. Van daar zijn ze naar Apeldoorn vertrokken.
Hij overleed ca. 23 juni 1935 te 's-Gravenhage Hij is op 27 juni op de begraafplaats Nieuw Eik en Duinen ter ruste gelegd..
Bernard Jacques Cornelis Hubenet, geen geloof, rijksveearts, geboren in 1853 te Dwingelo, overleden op 3 augustus 1943 te Leeuwarden. Hij was eerst getrouwd met Anna Geertruida Aalbers, overleden op 12 december 1887, later, op 16 april 1889 te Dokkum met Wilhelmina Catharina Wijnmalen, dochter van ons lid Willem Carel Wijnmalen. Hij woonde eerst Halvemaanspoort B11 (nu nummer 5), later Suupmarkt C29 (nu nummer 18)
Petrus Arnoldus Conradus Hugenholtz, hervormd predikant te Dokkum van 1827 tot 1862, komende van Lochem, geboren in 1790 te Amsterdam als zoon van Fredericus Arnoldus Bernhardus Hugenholtz en Maria Mertilda Cornelia ter Bruggen, gehuwd met Guillette Bruinier, geboren ca. 1793 te Lochem.
Hij is overleden 14 februari 1868, oud 77 jaar, weduwnaar. Hij woonde Fetzestraat A 48 (thans Op de Fetze 2), na zijn emeritaat Halvemaanspoort B8 (nu nummer 7) en B9 (nu nummer 5).
Dirk Huijser van Reenen, Vrijzinnig Hervormd, geboren in 1918 te Alkmaar als zoon van Dirk Huijser van Reenen en Pietertje van der Oort. Hij trouwde op 4 september 1942 te Meppel met Klazina Rinske Lindeijer.
Hij studeerde medicijnen te Groningen en was kapitein-arts bij de Koninklijke Luchtmacht. Hij volgde als huisarts in 1950 dokter Vonck op en droeg op 1 december 1974 de praktijk over aan dokter Jansen in verband met zijn vertrek naar IJmuiden, waar hij directeur van de GG en GD werd en later directeur van de DGD Midden-Kennemerland te Heemskerk tot zijn pensionering 1n 1983. Hij overleed op 16 januari 1986.
Hij woonde in Dokkum eerst op De Dijk D 53, thans nummer 10, waar de Rabo-bank is gevestigd, later aan de Altenastreek 16, nu de woning van huisarts Jansen. Hij gaf patiënten, die bij hem kwamen met depressieve klachten, ook de mannen, een merklap om te borduren. Dat vroeg zoveel concentratie dat ze geen tijd meer hadden om te piekeren. Hij was zelf ook een enthousiast handwerker. Hij borduurde veel en graag, in de gang van hun huis hing een door hem geborduurde stamboom van de familie. Ook knoopte hij smyrnakleden.
In Dokkum was hij onder meer voorzitter van de IJsclub, van de Rotary, van 'Dockaheem' en ruim 20 jaar van 'De drie gemeenten', de latere Sociale Werkgemeenschap 'Oostergo'. In die laatste hoedanigheid was hij mede-oprichter van de Federatie Noord van Sociale Werkplaatsen en vele jaren 2e voorzitter daarvan. Verder was hij mede-oprichter van de verkooporganisatie 'Amiva', die produkten van de sociale werkplaatsen aan de man moest brengen. Ook was hij weesvoogd van het Dokkumer Weeshuis tot het kollege van weesvoogden werd opgeheven toen de Bijstandswet van kracht werd, ringarts van de Boksbond, bestuurslid van de NeVoBo, afdeling Dokkum, bestuurslid van de IJswegencentrale, Consul van de Elfstedentocht en opleidingsarts bij de Bescherming Bevolking. Hij was Ridder in de Orde van Oranje Nassau.
Hendrik Hussem, remonstrants predikant van de Verenigde Christelijke Gemeente van 1827 tot 1864. Hij is geboren in 1802 te Amsterdam, als zoon van Dirk Hussem en Antonetta Philippina Maria van Haarst, die in het kraambed overleed. Hij trouwde op 28 oktober 1830 te Dokkum met Margarita Catharina Cornelia George, geboren in 1805 te Den Burg (Texel).
Hij kwam in 1827 naar Dokkum als proponent en ging in 1864 om gezondheidsredenen met vervroegd emeritaat. Hij is overleden 2 december 1878 te Dokkum, oud 75 jaar, weduwnaar.
Hij woonde aan de Legeweg C141 (BR 1850-'60 en 1860-'70), thans Legeweg 11.
Homme Roelof Jasper, Nederlands Hervormd, geboren in 1917 te Leeuwarden als zoon van Roelof Jasper en Gerbrig de Groot. Na het behalen van de onderwijsakte in 1936 vervulde hij zijn dienstplicht aan de School voor Militaire Administratie te Middelburg. In 1938 werd hij aangesteld als ambtenaar bij de Posterijen in Leeuwarden. In 1952 werd hij onderwijzer, later hoofdonderwijzer bij de Bijzondere Strafgevangenis te Leeuwarden. Na een periode als leraar aan de Technische School te Bolsward volgde in 1960 zijn benoeming tot Directeur van de Christelijke Technische School in Lemmer. In 1965 kreeg hij dezelfde functie in Dokkum,die hij vervulde tot zijn pensionering in 1979.
Hij trouwde op 31 oktober 1945 met Grietje Hofstede. Hij is overleden te Dokkum op 2 augustus 1994.
Bouwe de Jong, Nederlands Hervormd, geboren in 1903 te Scharnegoutum, Wymbritseradiel als zoon van Uiltje de Jong en Geertje Stilma. Hij trouwde op 16 februari te Wymbritseradeel met Auke Vos.
Na het Gymnasium internaat in Doetinchem studeerde hij geneeskunde in Groningen. Hij vestigde zich als huisarts in Hoogezand. Daar ontmoette hij zijn echtgenote met wie hij zijn hele verdere leven in goede harmonie en liefdevol heeft samengeleefd.
Zijn voornemen om zich te specialiseren als chirurg werd doorkruist doordat hem een motorongeluk overkwam, waaraan hij chronische hoofdpijnen overhield.
Hij kwam 9 januari 1943 van Hoogezand als schoolarts naar Dokkum. Hij woonde eerst aan de Legeweg C 185 (nu Legeweg 35), later aan de Stationsweg F 120. Op 26 maart 1947 vertrok het gezin naar Groningen, waar hij wederom schoolarts werd.
Hij was een beminnelijke, emotionele, geestige en belezen man. In Groningen was hij zeer goed bevriend met de dichteres Elisabeth Reitsma en professor Buma (hoogleraar Gothische talen) met wie hij de liefde voor de taal deelde. Op feestjes wist hij het gezelschap te vermaken door zich even te verwijderen om dan als b.v. koning Faroek terug te komen.
Verder heeft hij in de avonduren les gegeven aan leerling-verpleegsters, schaakte met een groep vrienden, nam bloedproeven af, was gezellig thuis, schilderde wat of bezocht zijn vriendinnen of vrienden. Helaas werd hij gehinderd door de chronische hoofdpijnen als gevolg van het motorongeluk in de periode Hoogezand, waardoor hij het zowel beroepsmatig als in het sociale leven wat kalmer aan moest doen dan hij eigenlijk had gekund en gewild.
Hij is overleden te Groningen op 10 juli 1968.
Tjeerd Jongsma, van gereformeerde huize, geboren in 1958 te Grou, als zoon van Gerrit Jongsma en Siemkje Prins. Hij is gehuwd met Grietje van der Molen.
Vanaf 1976 is hij in verschillende functies werkzaam geweest bij archiefdiensten in Leeuwarden en Assen. Sinds juni 2002 werkzaam als streekarchivaris bij het Streekarchivariaat Noordoost Friesland. Hij is lid van de stichting Historia Doccumensis te Dokkum en voorzitter van het Wurkferbân Krite-, Lân- en Wetterskiednis van de Fryske Akademy. Heeft belangstelling voor regionale geschiedenis, historische kartografie en genealogie. Naast zijn werkzaamheden doet hij aan hardlopen.
Mr. Pieter de Josselin de Jong, Nederlands Hervormd, geboren in 1862 te Rijssen als zoon van Geert Willem de Josselin de Jong en Maria Elizabeth van Loghem. Hij trouwt op 9 juli 1896 met Suzanna Gerlings.
Hij is op 17 augustus 1894 van Groningen als kantonrechter gekomen en vertrokken op 7 december 1897 naar Rotterdam. Hij woonde Legeweg 182 (nu nummer 32).
Hij werd later advocaat-generaal bij het Gerechtshof te Amsterdam en Officier van Justitie in Arnhem. Hij is overleden te Laag Soeren (gem. Rheden) op 24 oktober 1918.
Ds. Paulus Hendrik Kapteijn, predikant Hervormde Gemeente te Dokkum van 1903 tot 1906. Hij is geboren in 1871 te Donkerbroek als zoon van Johannes Kapteijn en Jacoba Catharina Zuurdeeg. Hij overlijdt op 9 mei 1948 te Eelde op 76-jarige leeftijd.
Hij trouwt met Johanna Gerardina Burgersdijk. Na haar overlijden trouwt hij op hij op 13 januari 1921 te Eenrum met Maria Boudina Burgersdijk.
Opmerkelijk is, dat Johannes Kapteijn en zijn collega Everard Lambertus Nauta getrouwd zijn met de tweelingzusjes, respectievelijk Johanna Gerardina en Gerardina Johanna Burgersdijk, beiden geboren op 22 augustus 1875 te Leiden. Des te opmerkelijker, daar ze direct na elkaar in Dokkum beroepen werden en in dezelfde pastorie woonden aan de Fetzestraat 51, nu Op de Fetze 2.
Jacob (Jaap) Kijlstra, Nederlands Hervormd, geboren in 1866 te Oenkerk als zoon van Sypko Hayo Kijlstra en Marchiena Johanna van der Meer, gehuwd te Dokkum op 25 juli 1899 met Jantje Harmana Helder.
Hij komt op 4 maart 1898 van Zevenaar als ontvanger der registratie. Hij woonde Grote Breedstraat A213, nu nummer 24. Na zijn vertrek uit Dokkum vestigde hij zich te Groningen, waar hij inspecteur der registratie en bewaarder van de hypotheken, het kadaster en de scheepsbewijzen was.
Hij was lid van de Kamer van Toezicht over de notarissen en candidaat-notarissen te Groningen, een functie waarvan de Minister van Justitie hem op zijn verzoek ontslag verleende op 25 november 1932.
Hij is op 21 november 1932 benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau.
Na zijn pensionering verhuisde hij naar Den Haag, waar hij is overleden op 1 augustus 1940.
Dr. Eelke Nicolaas van Kleffens, geboren in 1818 te Raard als zoon van Nicolaas van Kleffens en Rienske Pieters Helder, gehuwd te Dokkum op 25 augustus 1842 met Catharina Elisabeth van Slooten. Hij is overleden 28 februari 1907 te Dokkum, oud 88 jaar.
Hij haalde op 19 juni 1841 te Groningen zijn doctorstitel met een dissertatie over longkanker: 'De cancro pulmonum'. med.dr.et.art.obst. dr., geneesheer te Dokkum, lid gemeenteraad en wethouder van Dokkum van 1867 tot 1872, 2e luitenant schutterij Dokkum. Hij woonde Koningstraat 62 (nu nummer 25) en later Koningstraat 62 en 63 (nu 25/27)
Ds. Prof. Dr. Laurentius Knappert, predikant Hervormde Gemeente te Dokkum van 1889 tot 1893, geboren in 1863 te Harlingen als zoon van Jan Knappert en Emilie Charlotte van Gogh. Hij trouwt met Marij Mac Gillary en woonde in Dokkum in de pastorie aan de Hoogstraat 6 (thans nummer 26)
Gerardus Johannes Koevoet, Nederlands Hervormd, geboren in 1905 te Tiel als zoon van Gerardus Hyacinthus Maria Koevoet en Josina Maria de Kemp. Hij is op 19 december 1928 te Amsterdam getrouwd met Cornelia Dirkje de Vree.
Na zijn opleiding HBS-B in Tiel deed hij een gedeeltelijke studie Notariaat, waarna hij Inspecteur Registratie en Domeinen werd, later bij 's Rijks Belastingen. Zijn standplaatsen waren, ongeveer in deze volgorde: Amsterdam, Goor, Oldeberkoop, Dokkum, Winschoten, Amsterdam, Dordrecht, Delft en Utrecht.
Hij komt op 24 oktober 1934 van Oldeberkoop als inspecteur der registratie en vertrekt op 29 april 1939 naar Winschoten. Hij woonde eerst Halvemaanspoort B 13a (inwonend in het hoekpand dat nu nummer 1 draagt)en later Zuiderbolwerk D 76a (nu nummer 111).
Hij bestudeerde als hobby klassieke talen en las fanatiek Duitse litteratuur, Faust, Goethe etc. Hij is overleden in Tiel op 28 juli 1994.
Ello Johannes Kooi, Nederlands Hervormd, geboren in 1898 te Wildervank als zoon van Lambertus Kooi en Wilhelmina Otten. Hij trouwde op 24 januari 1935 te Veendam met Jantina Henderika Smit.
Hij kwam in het begin van de twintiger jaren van Meeden naar Dokkum als Commies ten gemeentehuize en werd op 1 april 1923 benoemd tot gemeentesecretaris. Dit ambt vervulde hij ruim veertig jaar tot hij wegens het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd op 1 januari 1964 de dienst verliet. Hij woonde Stationsweg F 36 (nu nummer 60) in het huis 'Zonnehoek'.
Na zijn pensionering verhuist hij naar de stad Groningen, waar hij op 11 oktober 1978 is overleden.
Ds. Rinse Klaasses Koopmans, doopsgezind, geboren in 1770 te Grouw, overleden op 5 september 1826 op zijn buitenverblijf Bovenburen bij Koudum. Hij is begraven te Koudum.
Hij werd in 1794 doopsgezind proponent te Blokzijl, vervolgens predikant te Dokkum van 1795 tot 1796, daarna te Amsterdam. In 1814 werd hij hoogleraar in de Godgeleerdheid bij de Kweekschool der Doopsgezinden aldaar.
Albertus Johannes (Bert) Koppen, Vrijzinnig Hervormd, geboren in 1921 te Haarlem als zoon van Johannes Albertus Koppen en Elisabeth Constantia Brakel.
Bert volgde aan de MTS te Haarlem de opleidingen Elektrotechniek en Werktuigbouw. Hij was in die tijd lid van de VCJC (Vrijzinnig Christelijke Jeugd Centrale) en leerde daar zijn latere echtgenote Jeltje Haagsma kennen.
Na de oorlog werd hij uitgezonden naar Nederlands-Indië en kwam te werken bij het Rubberfonds te Bandjermasin (Borneo). Op 22 juli 1947 trouwt Jel in 's-Hertogenbosch 'met de handschoen' voor de burgerlijke stand met (en dus zonder) Bert. Daarna reist ze met de 'Johan van Oldebarneveldt', samen met vele andere 'handschoentjes' naar Indië, waar het huwelijk op 10 januari 1948 in Bandjermasin kerkelijk wordt ingezegend. In 1949 keerde het gezin terug naar Nederland.
Van 1950 tot 1962 was Bert chef technische dienst van Droste's Cacao- en Chocoladefabrieken te Haarlem en van 1962 tot medio 1964 adjunct-directeur bij Prins Metaalindustrie te Dokkum. Was in Dokkum actief in de Rotary. Hij woonde in het huis Hogedijken 3, de Appelhof.
In 1964 werd hij benoemd tot productie-manager van Schimmelpenninck Sigarenfabriek te Wageningen. Vanaf 1970 tot 1986 was Bert in een coördinerende functie werkzaam bij de projectorganisatie t.b.v. de nieuwbouw van het Academisch Ziekenhuis te Utrecht.
Vanaf 1964 woonden Bert en Jeltje in Bennekom. Zij kerkten daar bij de Nederlandse Protestanten Bond en waren beiden actief in diverse plaatselijke organisaties en verenigingen. Bert Koppen overleed in februari 2000.
Frouwke Jan Kram, niet gelovig, werd geboren in 1932 te Muntendam als zoon van Berend Kram en Jantina Komdeur. Hij trouwde op 29 juni 1961 te Loppersum met Cornelia Berendina Post.
Hij was gemeentesecretaris te Dokkum en vertrok van daar in 1976 naar Heerenveen, waar hij tot zijn pensionering ook gemeentesecretaris was.
Hij woont thans te Lathen in Duitsland met zijn vriendin Marion Rombouts.
Dr. Reinhard Kruizinga Homan, Nederlands Hervormd, later Rooms Katholiek. Hij werd geboren in 1831 in de Nederlands Hervormde pastorie te Kolderveen als zoon van Ds. Jan Jacobs Homan en Grietje Kruizinga, zodat de latere rector in zijn geslachtsnaam beide familienamen verenigde. Hij trouwde op 11 juli 1861 te Dokkum met Rienkje Rienks Joustra. Het gezin vertrok op 3 september 1879 naar 's Hertogenbosch, waar hij op 21 november 1885 overleed.
Al op 16-jarige leeftijd in 1847 werd hij als theologisch student ingeschreven in het album studiosorum van de Groningse academie. Behalve de godgeleerde colleges liep hij ook die der klassieken, die van Latijn en Grieks en hij bestond het om tegelijkertijd als theoloog èn in de oude talen af te studeren. Op 27 mei 1854 promoveerde hij, 23 jaar oud, magna cum laude tot doctor in de klassieke talen. Daarnaast deed hij met gunstig gevolg examen voor het Provinciaal kerkbestuur van de Nederlands Hervormde Kerk in Friesland, zodat hij beroepbaar werd verklaard als predikant. In hetzelfde jaar werd hij tot rector van de Latijnse school te Dokkum benoemd.
Hij woonde te Dokkum eerst korte tijd aan de Vleesmarkt D31 (nu de Zijl 7) daarna in het buurpand Vleesmarkt D30 (nu Vleesmarkt 1) en na zijn huwelijk in het grote herenhuis Keppelstraat D107 (nu nummer 15). Hier werden de lessen gegeven en hield hij kostschoolleerlingen.
Op 14 augustus 1879 heeft volgens aantekening van pastoor G.J. Demes "de Zeergeleerde Heer R. Kruizinga Homan en zijn drie zonen Joannes, Rienk en Jacobus de Calvinistische ketterij afgezworen en is tot de eerste Heilige Communie toegelaten". Dit geschiedde drie weken voor zijn vertrek naar 's-Hertogenbosch wegens zijn benoeming tot conrector van 't gymnasium aldaar, nadat de Latijnse school in verband met de nieuwe wet op het Hoger onderwijs van 1876 bij besluit van de Raad van Dokkum was opgeheven.
Ds. Jacobus van Kuijk, Nederlands Hervormd, geboren in 1789 te Delft als zoon van Johannes van Kuijk en Sara van Leeuwen en daar gedoopt op 17 juli 1789. Hij trouwt op 15 december 1815 te Hendrik Ido Ambacht met Helena Nibbelink.
Hij werd predikant te Rijsoord in 1814 en ging in 1821 naar Ruurlo. Hij was predikant bij de Hervormde Gemeente te Dokkum van 1831 tot 1854. In Dokkum woonde hij in de pastorie aan de Hoogstraat 16, die toen het nummer A5 droeg. Hij vertrok op 1 juli 1854 naar Ruurlo, waar hij na zijn emeritaat in 1856 bleef wonen. Hij overleed te Hoogersmilde op 9 april 1856.
Ds. Jacob Gerard (Jaap) Kuiper, Nederlands Hervormd, geboren in 1932 te Haarlem als zoon van Cornelis Kuiper Jbz. en Cornelia Kuiper. Hij trouwde eerst op 25 november 1953 te Heemstede met Lambertha (Bep) de Groot. Dit huwelijk werd door scheiding beëindigd in 1978. Daarna trouwde hij op 1 april 1982 voor de wet en op 4 april in de kerk te Albrandswaard met Wilhelmine Oegema.
Hij begon zijn loopbaan als boerenknecht, eerst in Nederland, later in Canada, waarheen hij in 1954 emigreerde. In 1971 keerde hij definitief terug naar Nederland, na inmiddels wijsbegeerte, ethiek en godgeleerdheid te hebben gestudeerd, deels in Canada, deels in Nederland. Na zijn terugkeer werd hij predikant van de Hervormde Gemeente Dokkum van 1971 tot 1974. Hij vertrok naar Boxmeer. Hij had vele functies als predikant, leraar godsdienst, geestelijk verzorger en docent persoonlijkheidsvorming, filosofie en ethiek. In 1994 ging hij met emeritaat.
Wiebe Kuipers, niet gelovig, geboren in 1911 in Sint Annaparochie, Het Bildt als zoon van Regnerus Theodorus Kuipers en Tetje Wieling. Hij is getrouwd op 16 september 1936 te Leeuwarden met Wilhelmina Jantina Maris.
Hij kwam op 24 september 1941 van Meppel als ontvanger der registratie en domeinen en vertrok op 27 november 1945 naar Zwolle. Hij woonde aan de Eelaan F 265. Na vijf jaar in Zwolle gewoond en gewerkt te hebben werd hij belastingconsulent in Groningen, waar hij op 16 september 1959 overleed
Klaas van der Laan, Nederlands Hervormd, geboren in 1892 te Kollum als zoon van Thijs van der Laan en Martzen Kloosterman, gehuwd op 4 december 1919 te Dokkum met Louise Johanna Hief uit Padberg (Dld).
Hij kwam op 11 maart 1919 als veearts van Kollum en vestigde zich, toen nog ongehuwd, aan de Dijk D56 (de plaats waar nu de 'Doorbraak' is) en nam de praktijk over van Bernard Hubenet. De praktijk werd eerst uitgeoefend met behulp van een rijtuig, daarna met een motorfiets en uiteindelijk met een auto, altijd een Ford.
Na zijn huwelijk vestigde hij zich aan de Hantumerpoort C 174 (nu Hanspoort 4). In 1949 kwam zijn zoon Theun bij hem in de praktijk, waarna hij naar de Buitentuin verhuisde.
Naast zijn werk als veearts was hij vleeskeurmeester en leraar aan de Middelbare Landbouwschool in Dokkum, Na zijn pensionering in 1955 was hij lange tijd ouderling in de Hervormde Gemeente te Aalsum. Hij is overleden in maart 1965.
Theunis van der Laan, Nederlands Hervormd, geboren in 1920 te Dokkum als zoon van Klaas van der Laan en Louise Johanna Hief. Hij trouwt op 10 november 1949 met Grietje Visser.
Hij gaat wonen in het ouderlijk huis aan de Hanspoort 4 en neemt de praktijk van zijn vader over, waarmee hij tot 1955 samenwerkt. Daarna associeert hij zich met R.D. Reinders.
Hij bekleedde verscheidene (bestuurs-)functies, bij de Kleuterschool, bij de Lagere School (Eben Haezer), bij de middelbare school (Christelijk Lyceum Oostergoo). Hij was diaken bij de Hervormde Kerk, leraar aan de Landbouwschool, vleeskeurmeester en bestuurslid van de zwemclub.
In de Tweede Wereldoorlog was hij lid van de Binnenlandse Strijdkrachten en na zijn pensionering in 1979 was hij actief in de Voorlichting '40-'45.
Hij volbracht vier Elfstedentochten op de schaats. In 1990 verhuisde hij naar Leeuwarden, waar hij op 2 mei 2000 overleed.
Anton Matthijs Lagerweij, Nederlands Hervormd, geboren in 1863 te Westbroek als zoon van Matthijs Lagerweij en Neeltje van Kolfschoten. Hij trouwde op 4 oktober 1905 met Adriana van Herwaarden.
Hij kwam als postdirecteur van Wisch op 7 februari 1908 en vertrok op 6 april 1915 naar Heerenveen. Hij woonde Kleine Breedstraat B 111 (toen de directeurswoning van het postkantoor, nu staat op die plaats het linkergedeelte van het huidige postkantoor). Hij is 4 juli 1943 in Den Haag overleden.
Jurjen Legger, Nederlands Hervormd, arts, geboren in 1867 te Wildervank als zoon van Roelf Legger en Grietje de Boer. Hij trouwt op 10 december 1896 te Veendam met Barta Bakker. Hij vestigde zich in Dokkum op 29 september 1896, komende van Groningen. Spreekuur van 12 tot 1 naast het Stadhuis (bericht in: Oostergo no. 76, 23 september 1896). Op 23 december 1896 verhuist hij naar de Groote Breedstraat A34 (nu nummer 27). Hij vertok in april 1902.
Johannes (Johan) van der Meer, Nederlands Hervormd, is geboren in 1939 te Murmerwoude (tegenwoordig Damwoude) als zoon van Heerke van der Meer en Jantje Jagersma. Hij trouwde op 23 augustus 1968 te Hoogeveen met Hinke Pol.
Na het volgen van verpleegkundige en managementopleidingen was hij werkzaam als leidinggevende in verschillende ziekenhuizen en verpleeghuizen. Vanaf 16 februari 1986 was hij directeur bij de Stichting Algemeen Rusthuis voor Dokkum en Omstreken te Dokkum (tegenwoordedig onderdeel van het Zorgcentrun Dongeradeel).
Hij bekleedt nevenfuncties in verschillende besturen van belangenorganisaties in de gezondheidszorg, ouderenzorg en de kerk.
Jacobus Meijlink, notaris te Dokkum, geboren in 1828 te Raalte als zoon van notaris Jan Meijlink en Barber Henriette van Wijk. Hij trouwt op 14 september 1860 te Leek met Eelkje Catharina Albertina Snethlage.
Hij woonde Grote Breedstraat A213, nu nummer 24.
Freerk van der Meulen, Nederlands Hervormd, geboren in 1898 te Heerenveen als zoon van Thijs van der Meulen en Siebrigje Mulder. Hij trouwde op 11 oktober 1924 te Haskerland met Maartje Prins.
Hij kwam op 17 mei 1941 van Heerenveen als directeur van het bijkantoor van de Rotterdamse Bank en ging op 9 april 1954 terug naar Heerenveen. Hij woonde aan de Woudweg E 259, thans nummer 105.
Hij is op 10 oktober 1959 te Amersfoort overleden.
Wiebo Johannes Meyer, geen geloof, geboren in 1881 te Smilde. Hij was getrouwd met Cornelia Wilhelmina van Veen. Hij kwam op 15 oktober 1925 van Veghel als directeur postkantoor en vertrok op 5 juni 1930 naar Groningen. Hij woonde Kleine Breedstraat B 104 (de directeurswoning van het postkantoor, op die plaats staat nu het linkerdeel van het huidige postkantoor).
Ds. Durk J. Miedema, Nederlands Hervormd, werd geboren in 1919 te Leerdam als zoon van Jouke Miedema en Anna Wieringa. Hij trouwde op 21 november 1946 te Burgum met Anna Schuurman
Hij begon zijn loopbaan als hulppredikant in Huizum van 1943 tot 1945 ter vervanging van prof. Smits, die was opgepakt door de Duitsers. Hij deed daar ook verzetswerk voor het ondergedoken spoorwegpersoneel. Hierna werd hij predikant in Tzummarum, waar hij van 1946 tot 1957 werkzaam was. Hier voltooide hij zijn doctoraalstudie, die hij door de oorlogsomstandigheden eerder niet had kunnen afmaken. Het was in die tijd mogelijk predikant te worden met kandidaats- en kerkelijk examen. Daarna kwam hij naar Dokkum. Hij was hier predikant van de Hervormde Gemeente van 1957 tot 1969. Van Dokkum ging hij naar Haren, waar hij ook na zijn emeritaat bleef wonen.
Hij was 15 tot 20 jaar secretaris van de Landelijke Vereniging van Vrijzinnig Hervormden in Nederland..
Een aparte vermelding verdient zijn passie voor het Fries, de Fryske Taal. Naast het feit, dat hij regelmatig in het Fries preekte, schreef hij jarenlang in het 'Frysk Lânboublêd'. Hij werkte mee aan het tot stand komen van het 'Frysk Psalm- en Gesangboek' en had een belangrijke rol bij de presentatie van dit 'Lietboek' in de Grote Kerk te Leeuwarden in 1955.
Belangrijk was ook zijn oecumenische instelling. Hij streefde altijd naar toenadering van de verschillende Christelijke kerken. Door zijn inzet kon de rechtzinnige richting van de Hervormde Kerk destijds diensten houden in de Grote Kerk te Dokkum. In Haren was hij een tijd voorzitter van de Raad van Kerken.
Hij overleed in Haren op 18 september 1996.
Ds. Jan Frederik Lodewijk Müller, predikant Hervormde Gemeente te Dokkum van 1892 tot 1895. Hij is geboren in 1839 te Amsterdam en trouwt op 4 augustus 1868 te Wonseradeel met Lucia Columba Murray Bakker. Hij is overleden te Dokkum op 22 oktober 1895, oud 56 jaar. Hij komt van Zierikzee op 11 april 1892 en woont in de pastorie Fetzestraat 51 (thans Op de Fetze 2).
Ds. Everard Lambertus Nauta, Nederlands Hervormd, geboren in 1874 te Leeuwarden als zoon van Anne Gerrit Nauta en Geeske de Boer. Hij trouwt met Gerardina Johanna Burgersdijk. Hij komt op 14 augustus 1906 als hervormd predikant van Den Helder en vertrekt op 7 augustus 1909 naar Veendam.
Opmerkelijk is, dat Everard Lambertus Nauta en zijn collega Johannes Kapteijn getrouwd zijn met de tweelingzusjes, respectievelijk Gerardina Johanna en Johanna Gerardina Burgersdijk, beiden geboren op 22 augustus 1875 te Leiden. Des te opmerkelijker, daar ze direct na elkaar in Dokkum beroepen werden en in dezelfde pastorie woonden aan de Fetzestraat 51 (thans Op de Fetze 2).
Johannes Adam Nodell, geboren in 1754 te Leeuwarden als zoon van de Leeuwarder kleermaker Johan Adam Nodell en Aaltje Lenz. Hij trouwde in maart 1777 met Regina Catharina Lange, het voorwerp zijner vurige aanbidding, die op hem een zeer weldadige invloed heeft uitgeoefend en menigmaal het geliefkoosd onderwerp zijner Latijnse zangen uitmaakte.
Hij werd op 30 september 1776 benoemd en aanvaardde op 18 november 1776 het rectoraat van de Latijnse School te Dokkum met een oratie "Pro Poësie". Ter gelegenheid van die gebeurtenis verscheen 25 december van dat jaar bij A. Jeltema te Leeuwarden een "Troehaïcum of trippelend Nederduits vers".
Op 12 mei 1780 aanvaardde hij het rectoraat te Kampen, waarbij hij zijn gehoor boeide met de voordracht van een Elegie, die gewijd was aan de worstelstrijd onzer Vaderen tegen Spanje, onder de leiding van Prins Willem de Zwijger. Schepenen en Raden van Kampen toonden weldra hoezeer zij met hem ingenomen waren. Na geheel ongezocht zijn tractement reeds te hebben verhoogd, vereerden zij hem den 1. september 1782 met de titel "Professor Poeseos et Eloquentiae".
Met behoud van die titel werd hij 27 november 1784 tot rector in Amersfoort beroepen, waarheen hij in 1785 vertrok. Hij was tenminste van 1785 tot 1794 lid van het PUG (Provinciaal Utrechtsch Genootschap van Kunsten en Wetenschappen).
Na al sedert het begin van de maand maart te Franeker colleges te hebben gegeven, aanvaardde hij daar op 2 juni 1887 het hoogleraarschap in de geschiedenis en welsprekendheid met zijn Elegie "in laudem Frisiae", tot lof van Friesland.
Zeer welkom was hem daarna op 14 juli 1788 de benoeming tot rector der Erasmiaanse Scholen te Rotterdam, met de titel van Professor Honorarius. Op 21 juli daarop volgend gaf hij van zijn besluit om het professoraat tegen dat rectoraat te verwisselen, kennis aan de Franeker curatoren. Als reden van zijn heengaan vermeldde hij alleen, dat de inkomsten te Franeker nauwelijks toereikende waren bevonden om hem met de zijnen naar hunnen stand te doen leven, terwijl te Rotterdam 'de conditiën zoo avantagieus voor zijn huisgezin" waren gesteld, vooral omdat hij daar kostleerlingen mocht houden.
Jan Antonie Nortier, Nederlands Hervormd, geboren in 1917 te Modjowarno als zoon van Antonie Nortier en Henriëtte Duijvendak. Hij trouwde op 4 september 1945 te Amersfoort met Alida van Lonkhuyzen.
Nadat hi de middelbare school op Java had voltooid kwam hij naar Nederland, waar hij in Utrecht medicijnen studeerde. Na zijn studie en inmiddels getrouwd, ging het echtpaar naar Indonesië, waar hij van 1949 tot 1952 als chirurg werkzaam was te Manado op Celebes. In 1952 keerden zij terug naar Nederland en na enkele jaren in verschillende ziekenhuizen als waarnemer te hebben gewerkt kwam hij in Dokkum als chirurg in het ziekenhuis 'De Sionsberg'. Voorts was hij lid van de Kerkvoogdij.
Hij was Officier in de Orde van Oranje Nassau. Hij overleed tijdens een vakantie te Werningerode (Dld) in augustus 1991.
Aaldert Nuus, Nederlans Hervormd, geboren in 1925 te Midwolda als zoon van Tonnis Jan Nuus en Gepke Mulder. Hij trouwde op 29 september 1952 te Scheemda met A.A. Kampstra.
In Dokkum was hij ontvanger der belastingen. Daarnaast was hij penningmeester van de kynologenclub Friesland.
Hij overleed te Dokkum op 28 oktober 1984
Leonardus Offerhaus Jr., Nederlands Hervormd, geboren in 1863 te Eelde als zoon van Johannes Offerhaus en Maria Johanna Doornbos, hij was op 25 juni 1891 gehuwd met Henriëtte Julie Dumont, na haar overlijden in 1911 is hij opnieuw gehuwd op 6 oktober 1913 te Dwingelo met Susanna Leonora Geertruid Agnes Westra van Holthe.
Hij voltooide het gymnasium te Groningen in 1881 en ging vervolgens, ook in Groningen, rechten studeren. Een jaar later werd zijn vader benoemd tot hoogleraar in Leiden, zodat hij na het behalen van zijn propedeuse ook naar Leiden ging. In 1887 studeerde hij af, anderhalf jaar later promoveerde hij op het proefschrift 'Rechtstoestand van kerkelijke goederen bij Hervormden'.
Hierna werd hij advocaat en procureur te Leiden, waar hij in 1890 werd benoemd tot secretaris van de Kamer van Koophandel. In 1892 ging hij als adjunct-commies naar de Provinciale Griffie te Assen, waar hij in 1893 Commies en Chef ener afdeling werd.
Hij kwam op 25 maart 1898 van Assen naar Dokkum als kantonrechter en woonde Legeweg C 182, thans nummer 32. Hij vertrekt naar Rotterdam op 23 augustus 1900. Daar wordt hij rechter bij de Arrondissementsrechtbank. In 1907 krijgt hij dezelfde functie in Amsterdam. Van 1913 tot zijn dood is hij vice-president van de Arrondissementsrechtbank te Amsterdam. Hij is overleden te Amsterdam op 20 september 1922.
Ds. Gerrit Jan Willem Oldeman, remonstrants, geboren in 1878 te Schermerhorn, gehuwd met Franciska Hubertina Kok op 3 augustus 1905 te Dokkum. Hij kwam op 22 maart 1904 van Hoogeveen als predikant van de Verenigde Christelijke Gemeente en vertrok op 10 april 1907 naar Delft. Hij woonde aan de Diepswal B56 (nu nummer 27, het 'Admiraliteitshuis').
Richaeus (Rik) van Ommeren, 1758-1796, studeerde in Franeker en daar gaf de twintigjarige zijn bundel elegieën uit..
Hij had een zwak en melancholiek gestel; bij nat of guur weer hadden zijn personeel, familie en leerlingen hem heel wat te vergeven. Zijn vrouw was praatziek en intellectueel zijn mindere, dus werd het huwelijk niet steeds door eensgezindheid gekenmerkt. In 1794 stierf zij in het kraambed, twee jaar later stierf Van Ommeren, 38 jaar oud.
Van Ommeren dichtte een gezwollen Ode ad Gallos op de val van de Bastille, die ook in Parijs werd uitgegeven: Reeds wankelen de tronen van de tirannen, de bloedige schim van Coligny (vermoord in de Bartholomeusnacht) rijst op en met hem de schim van Hendrik IV, die zijn herboren kroost toespreekt:
'Sic, sic negatum carpite tramitem';
'sla zo de eens versperde weg in'.
In 1795 oreert deze Van Ommeren, rector van de Latijnse school in Amsterdam, in het Nederlands ter gelegenheid van de bevordering van de Latijnse schooljeugd. Hij betoont zich een fel voorstander van vrijheid, gelijkheid en tolerante broederschap. Maar nu de Bataafse geest, zegt hij, haar verouderde kluisters afwerpt is de waarborg der maatschappelijke orde alleen in de deugd en verlichting der burgers gelegen. Het gevoel voor schoonheid wist de lagere neigingen der ziel uit en is uiteraard het best door de studie van het Latijn aan te leren.
Van Ommeren werd op 8 april 1780 te Dokkum benoemd tot rector van de Latijnse School komende 'van Swol', waar hij preceptor der Latijnse school was. Zijn verblijf hier was van korte duur, daar hij reeds op 2 september vertrok naar Amersfoort, waar hij zich, wederom als Rector, aanzienlijk kon verbeteren. In zijn plaats werd op 30 augustus benoemd ene Kaldenbach, conrector te Kampen, die de betrekking echter niet aanvaardt. Vervolgens wordt benoemd op 14 september 1780 Jan Willem de Crane, preceptor te Alkmaar.
Ds. Hendrik Lucas Oort, Nederlands Hervormd, predikant Verenigde Christelijke Gemeente van 1892 tot 1894, geboren in 1864 te Santpoort (NH) als zoon van Henricus Oort en Elisabeth Wilhelmina de Goeje. Hij trouwt op 17 maart 1891 te Meppel met Maria Henriëtte de Visser.
Hij kwam op 18 juni 1892 van Graft, vertrok op 7 juni 1894 naar Utrecht en woonde Legeweg C182 (thans nummer 32)
Johannes Gerardus Oosterbaan, Nederlands Hervormd, geboren in 1865 te Rotterdam als zoon van Petrus Leonardus Benedictus Josephus Oosterbaan en Annna Willemina Jongkindt.
. Hij was in ieder geval tot zijn vertrek uit Dokkum ongehuwd. Hij kwam op 25 oktober 1921 van Borculo als Rijksontvanger en vertrok op 28 juli 1925 naar Doetinchem.
Anton Marinus Ebo Pietersen, Nederlands hervormd, geboren in 1930 te Leeuwarden als zoon van Marinus Ebo Pietersen en Boukje van der Meulen, gehuwd op 17 juli 1957 te Ferwerd met Tjitske (Tsjik) de Vries.
Na de militaire dienst was hij in 1954 enkele weken onderwijzer in tijdelijke dienst in Burgum, daarna van 1954 tot 1959 onderwijzer aan de Openbare Lagere School te Dokkum. In mei 1959 werd hij hoofd van deze school. Na het samengaan van het Lager Onderwijs met het kleuteronderwijs in het zogenaamde Basisonderwijs werd hij directeur van de Burgerschool. De school verhuisde van het Zuiderbolwerk naar de Olivier van Keulenlaan. In 1989 nam hij via de D.O.P.-regeling (doorstroming onderwijzend personeel) afscheid van de school.
Hij is van diverse verenigingen bestuurslid geweest. Hij was onder meer voorzitter van Departement Dokkum van de Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, van de Stichting Culturele Samenwerking, van het Steunfonds Stichting Welzijn Ouderen Dongeradeel en van de Vereniging Openbaar Onderwijs. Hij was vice-voorzitter van de Stichting Algemeen Rusthuis voor Dokkum en Omstreken en van de Vakbond Nederlandse Onderwijzers Vereniging N.O.-Friesland. Andere bestuursfuncties vervulde hij bij onder meer de Openbare Bibliotheek Dokkum, het Operettekoor N.O.-Friesland, het Natuurmuseum 'Natuer en Gea' Dokkum, de Commissie tot het vieren van Nationale Feestdagen en de Stichting Stadsfeesten. Voor de Nederlands Hervormde Kerk was hij twaalf jaar ouderling en vier jaar kerkvoogd.
In oktober 2009 werd hij venwege zijn veertigjarig lidmaatschap met algemene stemmen benoemd tot erelid van het Gezelschap.
Ds. Feike Hiddes van der Ploeg, Doopsgezind, geboren in 1736 te Franeker als zoon van Hidde Feikes, koopman en Grietje Beerts Wassenaar. Hij trouwde op 24 mei 1767 met Antje Pieters Hoekstra, van Franeker, welk huwelijk bevestigd werd in de Hervormde Kerk te Gaast, waar zijn stiefvader, Wybe Bosma, toen predikant was. Hij overleed op 29 juni 1790 te Dokkum.
Hij werd op 25 oktober 1759 als student aan de hoogeschool te Franeker ingeschreven, vervolgens werd hij 8 november 1766 Doopsgezind proponent te Amsterdam en nog geen jaar later werd hij als Doopsgezind leraar beroepen te Hindeloopen, waar hij 'zeer in de gelegenheid was, zich van den tongval aldaar op de hoogte te stellen'.
Sedert 10 september 1772 was hij leraar bij de Doopsgezinde gemeente te Dokkum, op een jaarlijks traktement van 600 Car. guldens, benevens genot van vrije woning, doch al spoedig viel hier een en ander op zijn gedrag aan te merken: 'maar Dns. van der Ploeg zijnen wandel bij vervolg van tijd zoodanig aangelegd hebbende, dat niet met zijn Eerw. leer overeenquam. Deswege was hij tot twee malen toe gestraft en zelfs uitgesloten van de bijwoning van het Avondmaal. Doch "Dns. van der Ploeg, volhardende in sijn ergerlijk gedrag", werd zelfs voor de derde maal gestraft met tijdelijke schorsing in zijn bediening en de voordelen, daaraan verbonden. En tenslotte verzocht men hun Ed. Mog. de Staten om hem geheel van zijne bediening te ontheffen, waarop Hun Ed. Mog. echter niet ingingen, daar door hen "de zaak als puur kerkelijk beschouwd werd". Zij stellen voor het nog éénmaal te proberen op straffe van "absolut deportement". Tot ontheffing zijner bediening kwam het echter niet door tussenkomst van eenige broeders, wien hij beterschap beloofd had, en die de moeilijke omstandigheden van zijn gezin, n.l. een vrouw en vijf jonge kinderen, in het midden brachten. In het vervolg zou hij "zig onthouden van het misbruycken van stercken drank, waaruit voortvloeyen alle zodanig bij elk in het oog loopende buytenspoorighheeden en huyskrakelen als uitgemaakt hebben de reedenen van zijn drie bijzondere ondergegaane straffen", en tevens beloofde hij aan zijne gemeente, welke hij "seven honderd Car. guld. perobligatiën" schuldig was, jaarlijks een zeker bedrag aan rente en aflossing te voldoen.
Blijkbaar drukten de zorgen hem op den duur zoo zeer, dat hij in 1787 plotseling Dokkum verliet, met achterlating van vrouw en kinderen, die hij aan de zorg van de gemeente overliet; in verband daarmee verzocht in genoemd jaar de Dokkumse kerkeraad aan de gemeente Amsterdam om een nieuwe predikant. In het jaar, daarop volgend, keerde hij weer binnen Dokkums wallen terug, doch niet als voorganger der gemeente; den 29 Juni 1790 verwisselde hij het tijdelijke met het eeuwige.
Behalve theoloog was hij een vruchtbaar schrijver. Zijn grootste verdienste ligt wel in zijn Fries litterair werk; in het tijdperk van het Middel-Fries neemt hij met zijn bevallige geschriften een ereplaats in de Fries-nationale letterkunde in.
 |
|
 |
Marten Evert (Mart) Pol, geboren in 1945 in De Bilt als zoon van Jan Pol en Janna Martha de Hoop. Hij trouwde op 31 maart 1967 te Utrecht met Johanna Maria ter Bliek.
Hij was in Dokkum als vrouwenarts verbonden aan het ziekenhuis 'De Sionsberg'.
Hij overleed op 23 september 2002 te Purmerend.
Anne Posthuma, hervormd, geboren in 1807 te Dokkum als zoon van notaris Gerhardus Wiebes Posthuma en Maria Uurhaan. Hij was eerst gehuwd op 28 december 1832 te Dokkum met Werdina Klaver, die op 15 november 1840 overleed. Hierna trouwde hij op 6 januari 1842 te Dokkum met haar zeven jaar jongere zusje Saapke Klaver, die overleed op 17 maart 1850. Tenslotte trouwde hij op 26 juni 1851 te Dokkum met Johanna Alberta Hendrica Hugenholtz.
Zijn beroep was apotheker, hij woonde Koornmarkt A 131 (het toenmalige hoekpand Koornmarkt/Oranjewal). Hij was wethouder van Dokkum van 1851 tot 1858 en Burgemeester van 1857 tot zijn dood. Hij is overleden op 22 oktober 1866, oud 59 jaar, gehuwd.
Gerhardus Wiebes Posthuma, waarschijnlijk Doopsgezind, geboren te Makkum in 1774 als zoon van Wiebe Gerardus, chirurgijn en apotheker, en Gryttie Gerrits. Zijn vader overleed op 10 november 1776, toen Gerhardus pas 2 jaar was, Op 19 mei 1794 worden te Makkum Watze Gerritsma, apotheker te Makkum, en Jan Pieters Tilboer, huisman te Makkum, benoemd tot curatoren over Gerhardus, 19 jaar te Gorredijk, Antje, 21 jaar te Enkhuizen en Wybrigje, 16 jaar, de nagelaten kinderen van Wybe Gerardus Posthuma, in leven apothecarius te Makkum.
Gerhardus trouwde op 21 november 1802 te Dokkum met Maria Uurhaan. Zij ontviel hem reeds in 1829, nadat zij hem vijf zonen geschonken had.
Hij was notaris te Dokkum vanaf 17 oktober 1809 en Procureur fiscaal. Hij woonde Halvemaanspoort B9 volgens de toenmalige huisnummering, thans nummer 1. Dit karakteristieke pand werd in zijn opdracht verbouwd in 1850, het jaar waarin hij op 24 augustus overleed, 76 jaar oud en weduwnaar. Nadien is het pand nog tot 1878 als notariskantoor in gebruik geweest, gedreven door zijn zoon Gerben.
Klaas Postma, Nederlands Hervormd, geboren in 1895 te Wirdum als zoon van Bouke Pieter Postma en Klaaske Bosma. Hij trouwt op 14 september 1922 in Leeuwarderadeel met Jacoba de Jong.
Hij komt op 20 september 1922 van Wirdum en vestigt zich als tandarts aan de Keppelstraat D 116 (nu nummer 15). Hij was raadslid van Dokkum van 1939 tot 1946.
Johannes Antoni Potgieter, Nederlands Hervormd, geboren rond 1766 als zoon van Antoni Potgieter en Catharina Schornagel. Hij trouwde op 22 november 1795 te Dokkum met Pietje Huisinga. Hij is overleden op 18 maart 1824 te Dokkum, oud 58 jaar, weduwnaar.
 |
|
 |
Martinus Pruim, geboren in 1808 te Hardenberg als zoon van Jan Pruim en Henderika Pruim. Hij trouwt op 19 mei 1837 te Almelo met Jacoba Ursinus Kruys.
Zijn beroep is aangegeven als 'Instituteur', hij was kostschoolhouder der Franse school. Hij woonde Kleine Oosterstraat B110, B111 en B112, nu nummer 8.
Hij was één der 'vroege' leden van de Fryske Krite. Hij is te Leeuwarden overleden op 23 april 1871.
 |
|
 |
Justus Datho Quintus, Nederlands Hervormd, geboren in 1819 te Groningen als zoon van Johan Hendrik Quintus en IJsebranda Tjeska Hoeksema, op 9 november 1854 in Opsterland gehuwd met Wilhelmina Amelia Catharina Andrea, geboren in 1832 te Workum.
Hij komt in Dokkum op 12 mei 1858 van Beetsterzwaag als Ontvanger der Registratie. Zij woonden Keppelstraat D 91 (nu nummer 15). Hij was later Ontvanger der Registratie te Leeuwarden.
Hij is overleden op 3 oktober 1888 te Groningen.
 |
|
 |
Johan Raven, geen geloof, geboren in 1890 te Nieuweramstel. Hij trouwt op 20 september 1922 te Lemmer met Elisabeth Anna Dijkstra. Hij komt op 18 juni 1920 van Laren als ontvanger der registratie en domeinen en vertrekt op 13 februari 1930 naar Gorinchem. Hij woont eerst Diepswal B 53 en B 55, na zijn huwelijk vestigt hij zich aan de Stationsweg F 68 (BR 1920-1930).
Ds. Isaäc Jacobus Reedijk, Nederlands Hervormd, geboren in 1910 te Zwijndrecht als zoon van Adrianus Reedijk en Cornelia van der Wal. Hij trouwde op 7 oktober 1943 te Amsterdam met Theresia Johanna Nieuwenhuis.
Hij kwam op 14 september 1946 van Odoorn als predikant van de Hervormde Gemeente naar Dokkum en vertrok op 6 juli 1951 naar Enschede. Hij woonde Op de Fetze A 51, thans nummer 2. Hij werd door velen in Dokkum als tè vrijzinnig beschouwd en heeft daardoor geen makkelijke tijd gehad.
Hij was een enthousiast zeiler. Hij begon al bij de zeeverkenners en nam vaak deel aan zeilkampen van de ANWB. Op één daarvan heeft hij zijn vrouw leren kennen. Hij heeft een zeer actieve rol gespeeld in de VCJC, waar hij veel kampen heeft geleid. Verder was hij bestuurslid van de Nederlandse Reisvereniging, waarvoor hij ook veel reizen heeft begeleid, vooral jongerenreizen. Hij nam zowel in Dokkum als in Enschede rijexamens af voor het CBR.
Hij overleed te Enschede op 5 mei 1971.
Mr. Watze Ruitinga, geen geloof, geboren in 1888 te Kollum als zoon van Douwe Ruitinga en Martjen Hermanna Witteveen, getrouwd met Adriana Carolina Kroes.
Hij komt op 27 februari 1930 van Heusden als griffier kantongerecht, per 27 juni 1934 wordt hij advocaat en procureur. Hij woont eerst Vleesmarkt D19 (nu nummer 25), daarna Hogepol C24 en vervolgens Woudweg E97 (GK 1920-'35). Hij vertrekt met zijn gezin uit Dokkum in maart 1940 naar Groningen, waar hij werkzaam is bij de Rijksaccountantsdienst. In 1965 verhuist hij naar Den Haag, waar hij is overleden op 21 april 1972 op 83-jarige leeftijd.
Ds. Cornelis Diedericus Sax, remonstrants, geboren in 1866 te Utrecht. Hij was gehuwd met Jeanne Sophie Linckers. Hij kwam op 24 november 1907 van Friederichstadt an der Eider in Pruisen, Sleeswijk Holstein, als predikant van de Verenigde Christelijke Gemeente. Hij woonde Diepswal B 56 (nu nummer 27, het 'Admiraliteitshuis').
Jan Berend Schaapman, Nederlands Hervormd, werd geboren te Leeuwarden in 1938 als zoon van Everardus Gerard (Gerard) Schaapman en Berendina (Dien) Tilma. Hij trouwde op 26 juni 1964 te Utrecht met Christina Johanna (Tineke) Nieuwenhuijs. Jan is overleden op 23 juni 2007 te Dokkum en daar begraven op 28 juni 2007 op de begraafplaats 'Lindenhof'.
Hij bezocht het Stedelijk Gymnasium te Leeuwarden en studeerde electrotechniek aan de Technische Hogeschool Delft.
Hij werd leraar natuurkunde en schoolleider (conrector en rector) aan het C.S.G. Oostergo, later Dockingacollege, te Dokkum.
Ds. Rokus Schelling, Nederlands Hervormd, met overtuiging behorend tot de landelijke PKN, geboren in 1950 te Bussum als zoon van Jan Schelling en Johanna Catharina Faber. Hij trouwde op 25 augustus 1977 te Huizen (NH) met Ineke Moll.
Na de HBS-A studeerde hij theologie aan de Rijksuniversiteit Utrecht. Hij was achtereenvolgens predikant in Dronrijp, Dokkum, Oudemirdum, Nijemirdum, Sondel en sinds 2002 in Schoonebeek. Predikant-visitator in de kerkprovincie Drenthe.
Hij voelt zich als een vis in het water in het gemeentewerk. Gaat graag om met mensen en vindt dat hij een mooie boodschap mag uitdragen. Hij heeft geen enkele ambitie om in zijn beroep hogerop te komen, maar wil wél graag groeien in zijn grote liefhebberij: schilderen en tekenen. Overweegt een studie kunstgeschiedenis.
Ds. Michaël Willem Scheltema, Remonstrants, geboren in 1826 te Amsterdam als zoon van Evert Scheltema Janszoon en Anne Madeleine Lamaison. Hij is op 31 augustus 1853 gehuwd met Alida Welmoet Tideman.
Na zijn studententijd (1846-1852) aan de Kweekschool der Remonstranten te Amsterdam werd hij proponent bij de Remonstrantsche Broederschap, eerst in Nieuwkoop, daarna te Zwammerdam. Een beroep naar Waddinxveen werd afgewezen, maar aangenomen dat naar de Vereenigde Christelijke Gemeente te Dokkum in 1865, waar hij 15 oktober zijn intrede deed.
In zijn huis had hij een kostschool, die mede bekend is doordat in 1875 Nynke van Hichtum tot zijn leerlingen ging behoren. Ze leerde hier onder andere het werk van Shakespeare kennen. Hier schreef ze ook toneelstukjes die op school gespeeld werden. In 1879 kwam ze weer thuis wonen, om haar moeder te helpen in de huishouding.
De vraag naar de beste wezenverpleging heeft hem steeds bezig gehouden. In 1874 werd hij ontvangen door Koningin Sophia, nadat de 'Maatschappij tot opvoeding van weezen in het huisgezin' was opgericht, waarvan Scheltema directeur was. In 1880 werd zijn salaris als Directeur der Maatschappij verhoogd in die mate, dat hij zich geheel aan de zaak wijden kon; het grote huis op de Dokkumer Breestraat, dat aan het Rijk voor postkantoor was verkocht, werd verlaten en men trok naar het landgoed Zevenbergen bij Amersfoort om er een doorgangshuis te vestigen.
Op 1 januari 1898 nam hij zijn ontslag. In mei van dat jaar werd hij tot erelid van de 'Maatschappij' benoemd en 31 augustus 1899 werd hij benoemd tot Officier in de Orde van Oranje Nassau. Hij overleed op 11 mei 1904 te Scheveningen.
Ds. Carel Albertus Schenk, Nederlands Hervormd, geboren in 1891 te Rotterdam als zoon van Carel Pieter Schenk en Josina Stolk. Hij is op 20 maart 1919 in Den Haag getrouwd met Lena Schilperoord. Na haar overlijden in 1940 is hij op 20 februari 1942 te Sappemeer getrouwd met Corry Henderika Barteldina Timmer.
Hij komt op 30 juli 1930 van Berkhout als predikant van de Hervormde Gemeente en woont in de pastorie Op de Fetze 2, die toen het nummer A51 droeg. Hij vertrekt 15 februari 1935 naar Westerbork. Daarna is hij in 1939 naar Sappemeer gegaan, in 1942 naar Hoogezand, in 1945 naar 's-Heerenberg, in 1949 naar Scheemda en tenslotte in 1957 naar Ermelo, waar hij op 11 juni 1960 ia overleden.
Ds. Jan Willem Schneider, Remonstrants, geboren in 1933 te Leiden als zoon van Jan Willem Schneider en Anna Catharina Ramondt. Gehuwd met en gescheiden van respectievelijk Else Vijlbrief en Klazina Trijntje Pijpker.
Het gezin waarin hij opgroeide, was aanvankelijk niet kerkelijk betrokken. Zijn ouders waren lid van de SDAP en voor de Tweede Wereldoorlog was de combinatie van democratisch socialisme en lidmaatschap van een kerk niet gebruikelijk. Tijdens de oorlog zijn zijn ouders lid geworden van de Remonstrantse Broederschap. Zij waren getroffen door de moedige en bemoedigende kanselboodschappen die in de kerken werden voorgelezen, en van huis uit had zijn vader enige banden met de remonstranten.
Na het doorlopen van het gymnasium ging Schneider theologie studeren in Leiden en doorliep het remonstrantse seminarie. Hij was predikant bij de Verenigde Christelijke Gemeente te Dokkum van 1962 tot november 1968. Tegelijkertijd was hij ook voorganger van de Remonstrantse Kring Leeuwarden. Daarna ging hij met zijn gezin naar Suriname waar hij predikant werd van de Evangelisch Lutherse Gemeente met behoud van de status van Remonstrants predikant. Met het oog op de toen verslechterende politieke toestand ging hij in 1973 terug naar Nederland en werd Legerpredikant bij de Protestantse Geestelijke Verzorging, eerst in Assen, later in Hilversum tot eind 1988. Tot 1995 was hij Reserve Legerpredikant. Hij ontving het Onderscheidingsteken voor langdurige diest als Officier met het cijfer XX.
Gedurende zijn verblijf in Dokkum was hij voorzitter van het Departement Dokkum van de Maatschappij tot Nut van 't Algemeen en woonde hij aan de Vleesmarkt in het huis wat thans nummer 25 draagt.
Schneider is op zaterdag 4 februari 2007 te Hilversum op 73-jarige leeftijd overleden.
Herke Teakes Schonegevel, remonstrants, zoon van Teake Schonegevel, meester-zeilmaker te Dokkum, geboren in 1725 te Dokkum. Hij trouwde op 3 augustus 1755 met Agatha Pieters (Aagje) Cuyper, afkomstig uit een Zaanse doopsgezinde familie te Krommenie. Hij is overleden in 1802.
Hij was één der bewindhebbers van de in 1701 opgerichte “Haringrederij”. De Schonegevels woonden aan de Diepswal in het pand dat nu het huisnummer 13 draagt, waarvan de hoge stoep nog dezelfde is, maar de ‘schone gevel’ inmiddels is vervangen. Op de Diepswal heeft ook een haringpakhuis gestaan, genaamd “De Haringpakkerij”. Dit werd in 1768 verkocht. De haringrederij was toen allang, na gevoelige verliezen, ontbonden. Vermoedelijk is Herke de azijnbrouwerij begonnen, die zijn nakomelingen later hebben gedreven.
 |
|
 |
Taco Schonegevel, remonstrants, geboren te Dokkum in 1756 als zoon van Herke Schonegevel en Agatha Pieters Kuyper. Hij trouwde op 25 mei 1785 te Lehr met Elisabeth de Bruyn.
De azijnfabrikant Taco Schonegevel speelde in de Patriottentijd een grote rol in het politieke en kerkelijke leven van Dokkum. Hij werkte mee aan de wording van de Verenigde Christelijke Gemeente, waarin de Doopsgezinden en Remonstranten samengingen.
Hij was lid van de municipaliteit van Dokkum, van 11 mei 1795 tot 1796; lid van de Vergadering van provisionele representanten van het Volk van Friesland, van 23 juni 1795 tot 3 juli 1796; lid van de Eerste Nationale Vergadering voor het district Drachten, van 6 april 1796 tot 1 september 1797; lid van de Raad van Dokkum, van oktober 1802 tot 1810; Maire van Dokkum onder het keizerrijk van 1811 tot 1814; lid van de raad van het arrondissement Leeuwarden, van 1811 tot 1813; president van de kantonnale raad van het kanton Dokkum, van 1812 tot 1813; lid van de stedelijke raad van Dokkum, van 1816 tot 1820; burgemeester van Dokkum, van 1818 tot 1820.
Hij overleed op 27 november 1819 te Dokkum, oud 63 jaar, gehuwd
Pieter Kuyper Schonegevel, Remonstrants, geboren in 1786 te Dokkum, zoon van Taco Schonegevel en Elisabeth de Bruin, trouwt met Cornelia Faber, geboren in 1789 te Sneek. Hij is overleden 5 augustus 1869 te Dokkum, oud 83 jaar, Kantonrechter. Hij woonde aan de Diepswal, in het huis dat in 1830 en 1840 het huisnummer B 58 droeg, en nu nummer 13.
Ds. Matthijs Siegenbeek, Doopsgezind predikant te Dokkum van 1796 tot 1797, geboren in 1774 te Amsterdam, overleden: 26 november 1854 te Leiden Studeerde theologie. In 1797 werd hij geroepen tot de aan de Leidse Universiteit nieuw ingestelde leerstoel in de Vaderlandse Taal en Welsprekendheid. "Welsprekendheid bloeit het weligst onder de invloed van een vrijen regeringsvorm". Deze woorden sprak hij tijdens zijn intreerede. Voor de instelling van zijn eigen leerstoel waren die woorden zeker op hun plaats. Aanleiding was namelijk de `fluweelen revolutie' die in 1795 tot de Bataafsche Republiek leidde. De democratisch gezinde patriotten zagen hun kans schoon om hun aan de Franse Revolutie ontleende ideeën van vrijheid, gelijkheid en broederschap te verwezenlijken. Siegenbeek brengt in 1804 de eerst officiele Nederlandse spelling uit. Hij schrijft die in opdracht van de Nederlandse regering maar niemand wordt verplicht om die spelling te gebruiken. De Siegenbeek spelling wordt nooit echt populair. Er komt nogal wat kritiek op. Het zuiden blijft eerder onverschillig. Velen in het noorden zien de Siegenbeek spelling als een typisch product van het gelijkheidsideaal van de Franse revolutie. In 1805 verscheen zijn Woordenboek voor de Nederduitsche spelling. Het is een woordenlijst vergelijkbaar met het Groene Boekje van 1954. De Siegenbeek spelling blijft in gebruik tot in 1863 de spelling van De Vries en Te Winkel in regeringsstukken werd ingevoerd.
Proponent 1795.
Portret van Matthijs Siegenbeek, door J.P. Berghaus/L. Springer (1847).
Mr. Adrianus van Slooten, hervormd, geboren in 1787 te Dokkum als zoon van Feddo Jan van Slooten en Sytske Ypey, gehuwd op 20 november 1815 te Dokkum met Henrica Catharina van Giffen.
j.u.d. Groningen 1810, notaris, griffier vredegerecht te Dokkum 1811-1814, secretaris van Dokkum 1814-1864 (hij verkreeg 4 aug. 1864, na 50-jarige dienst, eervol ontslag), notaris te Dokkum 1818-1852, lid Provinciale Staten van Friesland 1836-1859, luitenant kwartiermeester schutterij te Dokkum 1820-1829.
Hij woonde Fetzestraat A 47b. Het pand bestaat niet meer, op die plaats staat nu een deel van de Fetzeschool. Hij is overleden op 7 december 1864 te Dokkum op 77-jarige leeftijd.
Feddo Jan van Slooten, hervormd, zoon van Adrianus van Slooten en Henrica Catharina van Giffen, geboren in 1821 te Dokkum, overleden op 3 februari 1891 te Doetinchem op 69-jarige leeftijd, notaris te Anjum, te Dokkum, lid gemeenteraad, officier dienstdoende schutterij te Dokkum laatstelijk 1e luitenant, gehuwd op 33-jarige leeftijd op 29 juni 1854 te Dokkum met Diderica Reinhardina Schonegevel, Remonstrants, 31 jaar oud, geboren op 20 oktober 1822 te Dokkum. Zij is overleden op 23 januari 1877 te Dokkum op 54-jarige leeftijd, dochter van Pieter Kuiper Schonegevel en Cornelia Baukes Faber. Hij woonde tot zijn vertrek naar Anjum op 14 maart 1858 aan de Oranjewal A 101. Dit pand bestaat niet meer, het bevond zich rechts van 'Het Bolwerk', op de plaats, waar nu het parkeerterrein is.
Mr. Adolf van Slooten, hervormd, zoon van Adrianus van Slooten en Henrica Catharina van Giffen, geboren in 1833 te Dokkum, overleden op 16 december 1908 te Dokkum op 75-jarige leeftijd, zeepzieder, olieslager, lid gemeenteraad en wethouder van Dokkum, lid Provinciale Staten van Friesland, 2e luitenant schutterij van Dokkum, gehuwd op 29-jarige leeftijd op 24 juli 1862 te Deventer met Gertje Woutera Verwijs, 27 jaar oud, geboren op 17 juli 1835 te Deventer, overleden op 15 mei 1919 te Deventer op 83-jarige leeftijd, dochter van Ds. Adrianus Verwijs en Trijntje Fockema. Hij woonde Fetzestraat 47b. Het pand bestaat niet meer, op die plaats staat nu een deel van de Fetzeschool.
Pieter van Slooten, Nederlands Hervormd, geboren in 1859 te Anjum als zoon van Feddo Jan van Slooten en Diderica Reinhardina Schonegevel. Hij is op 6 mei 1910 te Dokkum getrouwd met Hillegonda van Nijmegen Schonegevel.
Hij was als wijnhandelaar gevestigd aan de Boterstraat A161, thans genummerd 11 en 13 met de gevelsteen 'De gekroonde Eenhoorn'. Hij vertrok op 28 april 1913 naar Nijmegen, waar hij is overleden op 13 mei 1945 op 85-jarige leeftijd.
Symon van Sloterdijck Beekkerk, geboren ca. 1793 te Leeuwarden, gehuwd te Dokkum op 20 november 1815 met Johanna van Slooten, geboren ca. 1791 te Dokkum. Hij was inspecteur bij de Registratie en woonde Grote Breedstraat A32b (nu nummer 27).
Bocchus Slothouwer, zoon van de Leeuwarder rector Valentinus Slothouwer, doctor in de beide rechten te Leeuwarden. Hij werd op 8 augustus 1789 gekozen tot rector van de Latijnse School. Op 17 november 1801 werd hij ingeschreven als procureur bij de rechtbank Leeuwarden.
Ds. Kors Frederik Sparnaay, Remonstrants, geboren in 1875 te Gouda als zoon van Frans Simon Sparnaaij en Jacomina van der Torren. Tijdens zijn verblijf in Dokkum was hij ongehuwd, hij is later getrouwd met Maria Susanna Klus. Hij woonde aan de Diepswal B 56 (nu nummer 27, het 'Admiraliteitshuis') en vertrok op 11 april 1902 naar Meppel. Hij is overleden op 20 mei 1947 te Wassenaar op 72-jarige leeftijd.
Hendrik Hendricus (Henk) Spijkerman, geen geloof, geboren in 1921 te Den Haag als zoon van Franciscus Jacobus Spijkerman en Anna Sophia Wilhelmina Oerlemans. Hij is getrouwd op 15 oktober 1948 te Leeuwarden met Joan Félice Vis.
Hij was hoofdinspecteur der Rijksbelastingen, hoofd van enkele Inspecties der Directe Belastingen. Na Dokkum ging hij naar Enschede.
In Dokkum werd hij in 1964 voorzitter van de Rotaryclub. Verder was hij penningmeester van de Maatschappij tot 't Nut van 't Algemeen, bestuurslid van een Stichting-samenwerkingsorgaan ven de Kulturele Kring en het Nut met als doel om toneelgezelschappen hier te laten optreden en secretaris van de Commissie van Toezicht op het Middelbaar Onderwijs.
Benedictus van Steenwijk, protestants, geboren in 1779 te Witmarsum, gehuwd op 29 mei 1817 te Dokkum met Johanna Posthumus. Hij is overleden 6 november 1850 te Dokkum, oud 71 jaar, weduwnaar. Hij was wijnhandelaar en later (1840) tevens gemeenteontvanger. Hij woonde Boterstraat A130, thans genummerd 11 en 13 met de gevelsteen 'De gekroonde Eenhoorn'.
Klaas Stort, rector Latijnse School, geboren ca. 1781 te Enkhuizen, gehuwd met Theodora van Genderen, geboren ca. 1784 te Enkhuizen. Hij is overleden 22 maart 1832 te Dokkum, oud 51 jaar, gehuwd. Hij woonde Grote Breedstraat 181, nu nummer 10 op de hoek van de Kleine Oosterstraat 1.
Ds. Martinus Stuart, remonstrants, geboren in 1765 te Rotterdam. Hij trouwde op 19 september 1787 met Theodora Magdalena Robbé, die op 18 november 1806 reeds op 38-jarige leeftijd overleed. Zij liet een gezin van twaalf kinderen achter. Hun dochter Pietje (Petronella), toen 15 jaar oud, heeft de plaats van haar moeder hierna zo goed mogelijk ingenomen.
hij krijgt een dochter Joanna Jacoba te Dokkum op 6 juni 1789. Hij overleed 22 november 1826 te Amsterdam.
Hij werd in 1787 Remonstrants predikant te Dokkum, in 1790 te Utrecht en in 1793 te Amsterdam.
Behalve de godgeleerdheid beoefende hij de oude talen, de oude en vaderlandsche geschiedenis, en ontving een benoeming als rijks-historieschrijver. Behalve zijn leerredenen gaf hij in 't licht: Herinneringen uit de lessen van Fr. J. Gall over de hersenen, Dev. 1804; De mensch zooals hij voorkomt op den bekenden aardbol, afgebeeld door J. Kuijper, 6 dln., met gekleurde platen, Zalt-Bommel 1806; Romeinsche geschiedenis, 30 delen, Amsterdam 1811; nieuwe uitgave in 20 delen, 1820; Romeinsche Geschiedenis, verkort door IJ. van Hamelsveld, 4 delen, met platen, Amsterdam 1806; Tafereelen van de staatsomwenteling in Frankrijk, 26 delen, Zaltbommel 1809; Vaderlandsche Historie van 1752 tot 1784, 4 delen, Amsterdam 1826; Jaarboeken van het Koningrijk der Nederlanden van 1814 tot 1822, 16 stukken, Amst. 1826. Hij vertaalde ook de bekende Reizen van den jongen Anacharsis, 10 delen, Amsterdam 1810. Verg. art. H.F. Valentijn.
(C.W. Westerbaen, Lijkrede, 1826)
Arnold Johan Bernhard van Suchtelen van Haere, geboren in 1826, zoon van Jan Joost van Suchtelen van Haere en Maria Hendrika van Wageni N.B. "Jonkheer .."
Andreas Johannes (Dries) Swart, Rooms Katholiek, geboren in 1927 te Leeuwarden als zoon van Antonius Swart en Cecilia Alves.
Hij werd op 2 september 1955 benoemd tot kapelaan in de parochie Zandberg, op 17 februari 1958 in Sappemeer, op 30 augustus 1963 bij de parochie H, Franciscus te Groningen en op 19 augustus 1966 bij de parochie H. Hart te Groningen.
Op 17 mei 1968 volgde zijn benoeming tot pastoor te Dokkum. Hij bleef daar tot zijn vertrek naar Klazienaveen op 1 augustus 1970, waar hij eerst als medepastor optrad en vanaf 18 februari 1971 als pastoor. Op 1 november 1991 kreeg hij eervol ontslag.
Hij overleed op 10 augustus 2000 te Klazienaveen en werd daar op 15 augustus op het R.K. kerkhof begraven.
Ds. Johan Anton Swart, Nederlands Hervormd, geboren in 1887 te Banjoebiroe. Hij trouwt op 21 september 1922 te Bolsward met Froukje Toornstra
Hij komt op 18 februari van Staphorst als hervormd predikant en vertrekt op 28 februari 1922 naar Arnhem. Hij woonde in de pastorie Op de Fetze A 51, thans nummer 2.
Ds. Frederik van Teutem, remonstrants, werd in 1774 in Rotterdam geboren. Hij overleed op 27 januari 1848 in Doesburg.
In 1792 werd hij proponent bij de Remonstrantse Broederschap en bediende als zodanig een tijdlang de Gemeente van Delft. In 1794 werd hij te Dokkum beroepen en in 1796 te Gouda, van waar hij in 1804 naar de Utrechtse Gemeente vertrok, daarbij, sedert 1816, ook de dienst bij die van Amersfoort waarnemend. De ongelukkige staat zijner gezondheid, ook naar de geest, vorderde in 1845 het nemen van zijn emeritaat, hetwelk hij in Gelderland doorbracht en waaraan, na twee jaren, zijn dood een einde maakte.
Te Dokkum was hij lid der municipaliteit, doch liet zich later geen politieke betrekkingen opdringen.
Hij krijgt in Dokkum een dochter op 21 december 1794.
Ties Meindert Tiessens, Nederlands Hervormd, geboren in 1903 te Ezinge als zoon van Meindert Tiessens en Geziena Johannes Smit, gehuwd op 17 april 1930 te Ezinge met Offerdina Martina de Boer.
Hij komt op 22 maart 1937 van Leeuwarden als inspecteur der belastingen en woont eerst Streek G17 (GK 1920-'35), vanaf 1942 aan de Hantumerweg. Dit huis moest tijdelijk verlaten worden omdat het van 1943 tot 1945 als hoofdkwartier van de SS was gevorderd. In die periode woonde het gezin aan de Woudweg. In 1946 vertrok hij naar Zwolle, later ging hij naar Haren.
Hij was Officier in de Orde van Oranje Nassau. Hij overleed op 17 oktober 1984 te Haren.
Binnert Tjallings, Doopsgezind predikant, geboren in 1762 te Grouw, trouwde op 20 mei 1787 met Neeltje Sijbrens. Hij was een oom van de bekende Friese dichters Bruorren Halbertsma. Tjallings was koopman voor hij in 1781 dominee werd.
Over het algemeen hadden doopsgezinde kooplieden en bankiers een reputatie van grote eerlijkheid en betrouwbaarheid. Alhoewel er in Mennonitische kringen geen bezwaren bestonden tegen zakendoen en handel, hadden sommige Mennonieten bezwaar tegen de handel, vooral voor de geestelijkheid. Tjallings trok zich uit zijn zaken terug, omdat hij het onzuiver vond om prediker van het Evangelie te zijn en tegelijkertijd betrokken te zijn bij wereldse zaken in de handel.
Een hard bewijs voor zijn lidmaatschap is niet gevonden. De notulen over zijn periode zijn niet bewaard gebleven en hij wordt in de geraadpleegde bronnen niet genoemd. Daar echter de activiteiten van het gezelschap nauw verweven waren met de Doopsgezinde en de Remonstrantse kerken en de bespreking van de preek op zondagmiddag een vast onderdeel van de agenda vormde, is het vrijwel uitgesloten, dat hij geen lid van het gezelschap was.
Ivo Valic, geen geloof, geboren in 1929 te Preddvor-Kranj, Slovenië als zoon van Viktor Valic en Ivana Rustja. Hij trouwde op 15 juni 1953 te Ljubljana met Helena Erjavec,
Na zijn studie medicijnen in Ljubljana werkte hij twee jaar als bedrijfsarts in Kranj. Hierna ging hij zich tot 1965 in Ljubljana en Kranj specialiseren als vrouwenarts. Na twee jaar in Kranj als vrouwenarts gewerkt te hebben ging hij een jaar met studieverlof naar Nederland waar hij in Veghel in het ziekenhuis werkte.
Hij ging terug naar Kranj om in december 1971 opnieuw naar Nederland te gaan, nu naar Dokkum. Hier werkte hij in de Sionsberg en kreeg bijscholing in het Academisch Ziekenhuis Groningen. Na enige tijd werd hij wetenschappelijk medewerker in Groningen. Hij onderwees daar studenten in operatietechnieken en Groninger studenten liepen stage bij hem in Dokkum.
In 1981 beëindigde hij zijn werkzaamheden in Dokkum. Hij heeft nog waargenomen in Hoogeveen en in Duitsland en werkte van 1983 tot 1986 weer in Slovenië. In 1986 keerde hij terug naar Groningen als docent operatietechnieken tot zijn pensioen in 1994. Hij verdeelt sindsdien zijn tijd tussen Slovenië en Nederland en reist veel.
Valic is een enthousiast en bekwaam skieër en bergbeklimmer. Hij was skileraar en maakte deel uit van de Bergreddingsdienst in Slovenië Hij was voorzitter van de Studenten Alpinistenvereniging in Ljubljana. Hij nam deel aan een expeditie in het Andesgebergte in 1964 en in 1971 naar het Hindu Kushgebergte in Afganistan. Hij beklom driemaal de Mont Blanc tot de top.
Ds. Dr. Hendrik van Veen Jr., predikant Hervormde gemeente te Dokkum, geboren in 1831 te Edam, gehuwd met Catharina Margaretha Hut. Hij komt op 14 oktober 1874 van Oude Pekela en vertrekt op 3 oktober 1880.
Paul Verheijen, pastor, geboren in 1951 te Zwolle als zoon van Wilhelmus Paulus Verheijen en Aleida Catharina Maria Klein Heerenbrink
roomskatholiek priester, gewijd op 8 december 1984 te Meppel door mgr. dr. Bernard Möller, bisschop van Groningen.
daarvoor afgestudeerd aan de ASCA als maatschappelijk werker en van 1973 tot 1982 werkzaam bij bij de Stichting voor Jeugd en Gezin Friesland. De laatste jaren part-time werkzaam en deeltijd studie theologie aan de Agogisch Theologische Opleiding, deel van de Katholieke Theologische Universiteit Utrecht. Van 1981 - 1982 gestudeerd aan de pauselijke universiteit het Angelicum te Rome en daarna benoemd als pastoraal werker te Beilen (in samenwerking met Hoogeveen en Meppel). Van 1986 tot 1996 pastoor in de Kanaalstreek (provincie Groningen) en sinds 1996 in Dokkum en Bergum. In het jaar 2004 en de jaren daarvoor ook nog bezig geweest met het Bonifatiusherdenkingsjaar, zowel op burgerlijk als diocesaan niveau.
Willem Frederik Viëtor, Nederlands Hervormd, geboren in 1849 te Winschoten als zoon van Berend Haitzema Viëtor en Anna Elisabeth Hesselink, gehuwd op 4 april 1875 te Winschoten met Jacoba Roberta Tulleken.
Hij werd op 1 juli 1869 surnumerair, op 16 januari 1872 commies bij de posterijen, op 1 juli 1884 directeur van het post- en telegraafkantoor te Dokkum, op 1 mei 1892 directeur van het postkantoor te Venlo, op 1 juli 1897 van het post- en telegraafkantoor te Tiel en op 1 september 1907 van het postkantoor te Nijmegen.
Hij is overleden in Tiel op 12 november 1919.
Focko Visser, zijn geloofsrichting van vroeger is Nederlands Hervormd, geboren in 1954 te Leeuwarden als zoon van Hayo Visser en Antje Anthonia Meerburg. Tineke Corry Vogels en hij zijn op vrijdag 20 december 1988 getrouwd in het mooie stadshuis te Dokkum.
Hij werkzaam geweest voor een aantal bancaire instellingen en zijn huidige functie is Regiodirecteur Friesland voor de Fortis Bank organisatie.
Hij is bestuurslid geweest van Stichting Stadsfeesten te Dokkum, voorzitter van de Ondercentrale Noord-Oost Friesland voor de VVD, bestuurslid van de Kamercentrale Friesland van de VVD, bestuurslid van de VVD afd. Frankeradeel, bestuurslid van de Mixed Hockey Club Leeuwarden.
Zijn huidige functies zijn directielid en vice-voorzitter van de Koninklijke IJsclub te Dokkum, voorzitter van het Commercieel Overleg Noord Nederland, bestuurslid van 'de Commerciële Club Friesland'.
Jan Vlietstra, Nederlands Hervormd, geboren in 1881 te Leeuwarden als zoon van Anne Vlietstra en Arendina Maria Bakker. Hij is getrouwd op 25 maart 1908 te Leeuwarden met Baukje Radersma.
Hij komt op 17 april 1928 uit Zeist als directeur van de Nationale Bank, later Rotterdamse Bank. Hij woonde Bronlaan E 159 (GK 1920-'35). Op 12 mei 1941 gaat hij terug naar Zeist, waar hij op 3 november 1955 is overleden.
Abraham Voerman, Nederlands Hervormd, geboren in 1838 te Deventer als zoon van de geneesheer Cornelius Martinus Voerman en Anna Jacoba Millies, gehuwd op 7 januari 1870 te Buren (Gld) met Henriëtta Maria de Kruijff. Rijksontvanger. Hij kwam op 4 november 1882 van Wamel en vertrok op 27 februari 1887 naar Bergen op Zoom. Hij woonde aan de Keppelstraat D107, thans nummer 15.
Frans Vonck, geen geloof, geboren in 1885 te Oldehove als zoon van Gerardus Vonck en Martje Meijer. Hij trouwt op 16 april 1918 te Groningen met Hiltje Tjoelker. Hun huwelijk heeft maar twee jaar geduurd, Hiltje overleed op 27 augustus 1920 te Dokkum samen met hun eerste kind in het kraambed.
Hij kwam op 18 april 1918 van Groningen als arts en ging wonen aan de Dijk D53, nu de Rabobank op nummer 10, hetzelfde huis waar na zijn vertrek ons lid dokter Dirk Huijser van Reenen ging wonen.
Hij kon goed pianospelen, maar alleen thuis, want het was een pianola!
Doederus de Vries, Nederlands Hervormd, geboren in 1833 te Dokkum, zoon van Frederik de Vries en Saapke Posthumus, gehuwd met Grietje Helder op 6 november 1856 te Oostdongeradeel, overleden 16 januari 1910 te Dokkum, oud 76 jaar, gehuwd. Wijnhandelaar en burgemeester van Dokkum van 1867 tot 1909. Hij woonde aan de Vleesmarkt D33 in het huis wat thans De Zijl 3 is.
Hij was één der 'vroege' leden van de Fryske Krite en maakte deel uit van het eerste bestuur toen in 1903 de 'Fryske Krite Dockum' werd opgericht.
Ds. Willem Marie de Vries, Nederlands Hervormd, geboren te Rotterdam in 1840 als zoon van Willem de Vries en Maria van Brummelen. Hij trouwde rond 1869 met Engelina Schröder.
Hij kwam op 4 maart 1881 van Oudorp als predikant bij de Verenigde Christelijke Gemeente te Dokkum en vertrok op 30 juni 1887 naar Meppel. Hij woonde Grote Breedstraat A214, nu de nummers 20 en 22.
Ale Gerhardus de Vries, Nederlands Hervormd, geboren in 1905 te Leeuwarden als zoon van Gerhardus Ales de Vries en Antje Greijdanus. Hij trouwde op 25 juli 1934 te Wassenaar met Frederika Willemina Johanna Strubbe. Na haar overlijden in 1975 werd Willy C. de Vries (geen familie) zijn levensgezellin.
Nadat hij te Rotterdam de HBS had voltooid kwam hij op 1 november 1922 als surnumerair te Gorinchem in dienst bij het Staatsbedrijf der PTT. Na voorspoedig de rangen als hoofdambtenaar doorlopen te hebben kwam hij op 23 mei 1946 van Amsterdam naar Dokkum als referendaris PTT en directeur van het postkantoor alhier.
Uiteraard woonde hij in de dienstwoning, toen nog naast het 'oude' postkantoor. In zijn Dokkumer periode was hij onder meer secretaris van het 'Gemeentelijk Comité voor de Actie voor Rechtsgelijkheid van Stad en Platteland te Dokkum', in welke hoedanigheid hij zich met verve inzette voor opheffing van het toenmalige stelsel van gemeenteklassenindeling en classificatie.
Hij maakte toen al vele malen deel uit van de examencommissie voor het afnemen van dienstvakexamens, maar na zijn vertrek op 24 januari 1950 naar Wassenaar heeft hij zich negen jaar lang rechtstreeks beziggehouden met de opleiding van jonge PTT'ers voor leidinggevende functies, eerst aan het Opleidingscentrum in den Haag, vanaf 1950 als organisator en hoofd van het Opleidingscentrum 'Voorlinden'
Van 'Voorlinden' werd hij in 1958 naar de hoofddirectie Post verplaatst als adviseur van de hoofddirecteur, waarmee hij de derde man in de postale top werd. Hij beëindigde zijn glanzende carrière als hoofddirecteur Post en plaatsvervangend directeur-generaal.
Hij werd op 30 april 1969 benoemd tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. Op 1 september 1970 ging hij met pensioen. Na zijn pensionering heeft hij nog in 1983 de officiële heropening van het verbouwde postkantoor in Dokkum verricht. Hij bleef in Den Haag wonen, waar hij op 3 november 2001 is overleden.
Lambertus Willem van der Weide, hervormd, geboren in 1816 te Dokkum als zoon van Willem Roelof van der Weide en Johanna Tuttel, gehuwd op 9 september 1841 te Bozum met Ottoline Bernardine Escher, geboren te Loga op 13 maart 1818. Hij is overleden op 30 oktober 1873, oud 57 jaar (in overlijdensregister abusievelijk van der Woude genoemd).
Hij werd ingeschreven als student te Groningen op 2 september 1833 en promoveerde daar op 30 december 1838 op het proefschrift 'De Hystride' en op 10 oktober 1840 op stellingen.
Hij vestigde zich te Dokkum als geneesheer (medicinair doctor en chirurgijn)en woonde Grote Breedstraat A 178b, nu nummer 16.
Willem Roelof van der Weide, Nederlands Hervormd, geboren 14 juni 1788 te Kampen, eerst gehuwd met Johanna Tuttel, geboren ca. 1874 te Steenwijk, overleden 21 april 1834 te Dokkum, daarna gehuwd te Dokkum op 18 augustus 1835 met Elisabeth Helena Schik, geboren ca. 1802 te Dronrijp.
Medisch doctor. Hij werd benoemd tot lid van de Vroedschap op 22 juli 1815, burgemeester van Dokkum van 1819 tot 1821, van 1823 tot 1824 en van 1832 tot 1847.
Hij is overleden op 13 mei 1860 te Dokkum, oud bijna 72 jaar, gehuwd, precies één week nadat het gezelschap bij hem thuis bijeen geweest was. Hij woonde Grote Breedstraat A175, nu nummer 24.
Jacobus Wentholt, doopsgezind, geboren in 1798 te Franeker, op 10 juli 1828 te Leeuwarden gehuwd met Alida Maria van Giffen. Ontvanger der Rijksbelastingen. Hij woonde Wijk D, bij de Driepijpsterbrug en Bontebrug nummer 7 (nu Vleesmarkt 45). Hij vertrekt op 1 september 1856 naar Harlingen.
Ds. Cornelis Willem Westerbaen, remonstrants, geboren te Amsterdam in 1764, waar hij op 22 februari 1832 overleed.
Hij was predikant te Dokkum maar wordt als zodanig niet genoemd in de 'Biographische Naamlijst van hare professoren, predikanten en proponenten van de Remonstrantsche Broederschap'. Aangenomen kan worden dat hij te Dokkum als proponent de gemeente bediende van 1887 tot 1888. In Dokkum waren vacatures in de Remonstrantse kerk vòòr 1787, tussen 1790 en 1794 en tussen 1796 en 1799. In de beide laatste periodes was Westerbaen predikant te Schoonhoven en Utrecht en hij werd proponent in 1786, Hij kan dus alleen te Dokkum geweest zijn als proponent van 1786 tot 1787.
Jan Willem de Crane schrijft in zijn "Biografische Berigten" in 1841 over Westerbaen en Stuart: "-beide mij steeds hartelijk geliefde vrienden, sinds wij voor jaren te Dockum elkander hadden leren kennen-".
Hij was achtereenvolgens Remonstrantsch predikant te Schoonhoven van 1788 tot 1793, daarna ging hij naar Utrecht van 1793 tot 1804. In 1804 werd hij te Amsterdam beroepen. Zijn werken zijn: Lofrede op Joh. Lublink den jongen, Amsterdam 1817; Lijkrede op M. Stuart, aldaar 1827; voorts leerredenen, vertalingen en bijdragen in de Vad. Letteroefeningen en in Van Kampen's Magazijn; toespraken als algemeen voorzitter van 't Nut in 1814, 1816 en 1825; leven van Corn. Rogge, (vóór diens Nagelaten leerr.), enz.
Westerbaen moet zich bij de Patriottische activiteiten in Dokkum zeer rustig gehouden hebben, daar: 'De regering van Schoonhoven wilde hem echter niet als predikant en inwoner der stad admitteren, eer hij voorzien was van genoegzame bewijzen van zijn stil gedrag bij de troebelen in het vaderland. Op vertoon van eene verklaring, afgegeven door den hoogl. VAN DER MEERSCH, drie predikanten en drie opzieners van Amsterdam, dat hij geen lid was geweest van de Vaderlandsche Sociëteit noch van eenig exercitie-genootschap, werd hem de vrije inwoning en waarneming van zijn dienst vergund'. Kennelijk gold zijn gedrag en het lidmaatschap van ons leesgezelschap niet als compromitterend, of hij is door zijn 'referenties' uit de wind gehouden.
Harm Wiegman, Nederlands Hervormd, later 'Geen Geloof', geboren in 1852 te Oude Pekela als zoon van Rijkent Wiegman en Derkje Bisschop. Hij trouwt op 28 oktober 1882 te Buitenpost met Trijntje Oostingh.
Hij was ontvanger der belastingen achtereenvolgens te Akkrum, Epe en Emmen. Op 5 december 1906 wordt hij bij Koninklijk Besluit benoemd tot Rijksontvanger te Dokkum en hij vestigt zich hier metterwoon op 27 april 1907, komende van Emmen. Hij woonde eerst in de pastorie Hoogstraat A6 (nu nummer 26), later Westerbolwerk C 138a. Na zijn pensionering vertrekt hij op 12 mei 1917 naar Apeldoorn, waar hij nog enkele jaren werkzaam is als Adjunct Inspecteur aan de Inspectie der Directe Belastingen.
In Dokkum was hij bestuurslid en lid van de financiële commissie van de Vereeniging 'De Volksleeszaal'.
Hij is op 25 april 1941 te Apeldoorn overleden.
Jan Lucas Wieldraaijer, Nederlands Hervormd, geboren in 1939 te Zuidlaren, zoon van Harm Wieldraaijer en Trijntje Sants, gehuwd met Jantje Dijkema op 9 april 1965 te Annen (Gem.Anloo).
Hij was bankadviseur, bestuurslid van: Toonkunstkoor Dokkum, Openbare Kleuterschool, Vereniging voor Openbaar Onderwijs, Openbare Bibliotheek Dokkum, Buurtvereniging Westerbolwerk, Personeelsvereniging Rabobank, Stichting Beschermd Stads- en Dorpsgezicht Dokkum, Stichting Monumentenbehoud Dongeradeel en het Comité Astmafonds, lid van de schaduwfraktie van de V.V.D. en van de Ondernemingsraad van de Rabobank Dokkum, manager Dokkumer Volleybal Club.
In oktober 2009 werd hij venwege zijn veertigjarig lidmaatschap met algemene stemmen benoemd tot erelid van het Gezelschap.
Willem Carel Wijnmalen, Nederlands Hervormd, geboren in 1823 te Steenbergen als zoon van Cornelis Wijnmalen en Wilhelmina Catharina de Neve, trouwde op 25 november 1855 te Oud Beierland met Jacoba Adriana Johanna Peelen. Hij is overleden te Den Haag op 31 juli 1911.
Hij was kandidaat notaris, directeur posterijen te Oud-Beierland, komt op 26 januari 1874 van Vianen als directeur van het postkantoor te Dokkum. Hij woonde Keppelstraat 128 {BR 1870-'90).
Mr. Levie Mozes Wittgensteiner, Nederlands Israëlitisch, geboren in 1846 te Ootmarsum als zoon van zoon van Mozes Hartog Wittgensteiner en Betje Polak, ongehuwd.
Hij komt op 10 november 1877 van Zuidbroek als griffier van het Kantongerecht en vertrekt naar Leeuwarden op 29 februari 1888, waar hij op 5 januari 1892 op 45-jarige leeftijd overlijdt.
Adriaan Zonnevylle, Nederlands Hervormd, geboren in 1887 te Rijssen als zoon van Albertus Jacobus Zonnevylle en Francina Johanna Bek. Hij trouwde op 18 april 1913 in Den Haag met Anna Henriëtte Wilhelmina Blokzeijl. Na hun scheiding trouwde hij op 11 november 1948 te Enschede met Egberdina Anna Julius.
Hij is op 10 januari 1912 van Horst gekomen als ontvanger der registratie en domeinen en op 7 oktober 1916 vertrokken naar Waalwijk.
In Dokkum woonde hij aan het Westerbolwerk C 138 (BR 1920-'20). Op 29 juni 1915 werd hij gekozen in de Gemeenteraad van Dokkum voor de Kiesvereeniging 'Gemeentebelang'. Hoewel hij slechts korte tijd deel uitmaakte van de Raad, tot zijn vertrek in oktober 1916, wist hij herhaaldelijk de krant te halen met prikkelende uitspraken.
Na Waalwijk woonde hij in Almelo, Hengelo en Enschede, waar hij op 26 december 1951 is overleden.
Philip van Zuiden, Joods, geboren in 1865 te Assen als zoon van Samuel van Zuiden en Hinderientje van Hasselt. Hij is op 1 november 1894 te Rotterdam getrouwd met Maria Elizabeth van der Minden.
Hij komt op 30 juni 1915 van Assen als directeur van het postkantoor en woonde Kleine Breedstraat B 104 (BR 1910-1920). Hij vertrekt op 15 oktober 1923 naar Hoorn. Nadien gaat hij in 1929 naar Baarn en in juli 1943 vertrekt hij naar Polen, vermoedelijk een gedwongen vertrek naar Auschwitz. Hij overleeft de oorlog en keert op 3 augustus 1945 terug in Baarn, waar hij echter elf dagen later, op 14 augustus, overlijdt.
Pieter Zwart, Nederlands Hervormd, geboren in 1892 te Beers als zoon van Theunis Pieters Zwart en Idske Wouters Schuurmans, getrouwd op 25 mei 1918 te Idaarderadeel met Romkje Kooistra.
Nadat hij de HBS had voltooid en het Staatsexamen Notariaat had gehaald werd hij kandidaat notaris te Leeuwarden. Na zijn benoeming tot notaris kwam hij op 12 november 1926 naar Dokkum, waar hij zich vestigde aan de Stationsweg in het huis, dat toen nummer F116 droeg, thans nummer 19.
Hij was onder meer voorzitter van het Groene Kruis en van de Vereniging voor Volkenbond en Vrede. Hij was een enthousiast musicus en speelde altviool bij 'Euphonia'. Daarnaast vormde hij een strijkkwartet met Klaas Ronner, Sipke Visser en Baukje Posthumus.
Hij was Officier in de Orde van Oranje Nassau. Hij overleed in 1974 te Leeuwarden.